V.

* Komt u terug van vakantie en zijn de planten uitgedroogd? Geen paniek, misschien zijn ze nog te redden. Dompel de aarde even helemaal onder in handwarm water en laat het overtollige water goed uitlekken.
Planten die in de vakantie water nodig hebben, kunnen verzorgd worden door de pot aan de bovenkant te vullen met mos. Het water dat erop gegoten wordt, wordt vastgehouden door het mos, waardoor het twee weken vochtig blijft. Wel een schoteltje onder de pot zetten, evenbtueel ook met zand en mos.
Zet alle planten in huis bij elkaar, samen zorgen ze voor een hogere luchtvochtigheid. Wel handig in vakantietijd.
Zorg dat de ruimte niet te warm of te koud is, en zorg indien mogelijk voor ventilatie.
Houd rekening met de lichtval. Niet alle planten kunnen tegen direct zonlicht.
Om uitdroging te voorkomen zet u planten op een schoteltje met een laagje water waar de wortels bij kunnen. Dan houdt u de planten in de vakantie in de beste conditie.

* Gedroogde of verse kamillebloemen of gedroogde varens in de honden- of kattenmand houden de vlooien op een afstand. 
Varens hebben veel water en niet teveel licht nodig. Met een scheutje melk eens per week groeien ze nog beter.
Varens groeien gelijkmatiger als de pot op gezette tijden in de richting van de wijzers van de klok worden gedraaid.

* Vaste planten in de tuin (de wortels) moet u als er vorst op komst is, afdekken met een laag bladeren of compost. Hierdoor zullen ze minder snel beschadigen door de vorst.

* Koperen vazen zijn ideaal voor bloemen, ze blijven daarin extra lang mooi.
Omvallende vazen zijn een ergernis, doe, al naar de soort van de vaas een beetje zand,wat kiezelsteentjes of knikkers op de bodem.
Om bloemen en takken in zeer grote vooral ondoorzichtige vazen, een goed houvast te geven stop een in elkaar gedrukt stuk kippengaas in de vaas.
Is uw vaas poreus? Aardwerk vazen van binnen met boenwas inwrijven of met hete paraffine spoelen. Glazen en aardewerk vazen kunnen ook met waterglas dus kalium- of natriumsilicaat) of met kleurloze nagellak worden gespoeld. Het is wel een vereiste, dat de vaas volkomen droog is en u het na de behandeling minstens wwn week laat drogen.

* Veldbloemen zijn erg kwetsbaar. Ze gaan gauw slap hangen en kunnen daarom het beste van berm naar huis worden vervoerd in een vochtige (dicht geknoopte) plastic zak. Als ze daarna nog een paar uur tot aan hun nek in het water staan, zal men er langer plezier van hebben.
Veldbloemen hebben erg veel water nodig. De vaas in ieder geval eenmaal daags bijvullen .
De meeste veldbloemen verwelken snel, maar fluitenkruid, boterbloemen en dotters zijn wat sterker.
Veldbloemen, als klaprozen verwelken minder snel als de uiteinden van de stelen worden dichtgeschroeid voor men de bloemen in de vaas zet.

* Venushaar (Adianthum tenerum scutum roseus) moet op een lichte plek staan, maar absoluut niet in de zon. De potkluit moet altijd nat zijn. Als de kluit uitdroogt, verdort de plant namelijk onmiddellijk. Ook mag u niet sproeien omdat er dan bruine blaadjes komen. De fijne blaadjes op hun dunn steeltjes gaan bij de minste of geringste luchtverplaatsing bewegen.

* Wanneer een plant uit zijn pot groeit, wordt het tijd hem te verpotten.  Het beste kan men nieuwe, aardewerk pot nemen die zo lang onder water moet worden gehouden tot er geen luchtbelletjes meer ontstaan. De nieuwe pot moet ong. 1 maat groter zijn dan de oude.
Onderin de pot wordt een potscherf gelegd (bolle kant naar boven) om te voorkomen dat het afvoergat verstopt raakt. Daarop wordt een laagje potgrond gestrooid en vervolgens kan de plant met aardkluit en al worden overgeplant. De aarde nog even losjes aandrukken en het karwei is geklaard.
Heeft men alleen een oude bloempot dan verdient het aanbeveling deze eerst 24 uur te weken in sodawater. Daarna de pot goed afborstelen en naspoelen met schoon water. Schimmels en bacteriën zijn hardnekkig en alleen met een grondige schoonmaakbeurt te bestrijden.
Gebruik voor het verpotten van de planten nooit oude grond aangezien deze minder voeding en meer ziektekiemen kan bevatten. Ook voor stekken altijd nieuwe potgrond gebruiken. Zet de nieuwe of in ieder geval schone bloempotten een dag voor het verpotten in een bak met water. Het poreuze aardewerk heeft zich dan volgezogen met water en zal geen water aan de potgrond onttrekken.

* Verspenen van jonge plantjes kan vanaf eind april als er geen nachtvorst dreigt.
Verspenen kan als de kiemblaadjes volledig open zijn en horizontaal liggen. De avond van tevoren regent u de grond buiten in met een gieter of sproeier.
Verspenen kan doet u het best aan het eind van de middag, eind april. Maak met een stokje of potlood een gaatje in de grond in een V-vorm. Maak de grond rondom los. Vervolgens trekt u het plantje uit de grond, met behulp van een houten stokje. De grond laat u aan de worteltjes zitten. Laat het plantje tot bijna aan de blaadjes in het gaatje. Grond voorzichtig aandrukken en water geven, met een fijne broes.

* Vetplanten zijn dol op de koelte van de winter; ze gaan namelijk pas bloeien als ze hun winterslaap achter de rug hebben. Zet vetplanten daarom zo’n twee maanden op een koele plek, tussen de 10 en 15 C en geef ze nauwelijks water.

* Violieren scheiden een melkachtig vocht af en bloeden leeg. Om dat te voorkomen, moet men de stelen korte tijd in kokend water zetten of boven een brandende kaars houden.

* Viooltjes blijven langer vers nadat ze enkele uren in ijskoud water ondergedompeld zijn geweest. Ook blijven ze mooier als ze ’s nachts omgekeerd in koud water worden gezet.  
Viooltjes zorgen voor een heerlijke geur in de kamer. Men heeft er lange tijd wat aan als de bloemen zonder steel met zout – laag om laag – in een schone en droge weckpot worden gelegd. De pot luchtdicht afsluiten en zo veertien dagen laten staan. Daarna hoeft men de fles maar open te doen en de kamer zal zicht met de vioolgeur vullen. De fles wel afgesloten opbergen tot de volgende keer.

* Vliegen houden niet van lavendel en laurier. Hang enkele takken in de keuken en u heeft weinig tot geen last van deze insecten.
Ook lavendelbloemetjes naast uw hoofdkussen is een probaat middel tegen de vliegen in uw slaapkamer.
Plakjes ui op het vlees houden de vliegen weg als u bv. aan het barbequen bent.
Vliegen houden niet van blauwe verf. Daarom zijn ouderwetse provisiekasten en keukens blauw geverfd.
U kunt ook een kobaltblauwe fles in de vensterbank zetten tegen de vliegen.
Vliegen houden ook niet van keukens waarin zo af en toe een drukkep azijn op de kookplaat verdampt.
Doe wat schuim van toiletzeep op een schotel en zet het ’s avonds op een goed verlichte plek. Muggen en vliegen bent u dan vliegensvlug kwijt.
Vliegen hebben een hekel aan tocht. Zet dus ramen en deuren open.
Brandnetelstruiken zal niemand graag voor zijn deur zetten, maar ze zijn wel een prima afweermiddel tegen vliegen.
De vlieg wordt van spiegels en ruiten geweerd door ze af te nemen met afgekoeld kookwater van in stukken gesneden uien.
Als vliegen snoepen van suikerwater, dat gemeng is met saccharine, gaan ze dood. Mits het saccharinegehalte hoog genoeg is, ong. 20 tabletten op 1/10 . water.
Tenslotte hebben vliegen een hekel aan ezels, muildieren, paarden en koeien, wier huid is ingesmeerd met een in carbolwater gedoopte spons is afgewreven.
De grote blauwzwarte vleesvliegen en de wat kleinere aasvliegen (met een met een groene metaalglans) zijn net als de gewone vliegen overbrengers van bepaalde ziektes. Men kan in de zomer vlees dan ook beter niet open en bloot op het aanrecht laten liggen.

* Heeft u ruimtegebrek in uw tuin of balkon om planten kwijt te kunnen? Een idee van internet geplukt is om plastic flessen gedeeltelijk open te knippen en te vullen met aarde en kleine planten (bv. vlijtige Liesjes), en op te hangen aan een pergola o.i.d., het wordt dan een zgn. vliegende tuin.Een idee bij ruimtegebrek

* Vlier nooit kopen in knop, want de knoppen gaan niet open. Helaas laat vlier de kopjes vaak hangen. De stelen opnieuw afsnijden, de bast tot 2 á 3 cm. hoog afschillen. Dan de bloemen ong. 30 min. in warm water (35C) zetten.

* Bij vlinders geliefde planten en struiken zijn het vlinderboompje (Buddleia), sedum, herfstasters en phloxen. Dagpauwoog
Ook goed in vlinders te lokken zijn enkelbloemige Afrikaantjes (Tagetes),, ijzerhard, (Verbena), zonnehoed (Echinacea) en lavendel, munt en tijm.
Leg takken en boomschors neer als schuilplaats voor kevers, padden en vlinders.
Hang een nestkastje voor vogels of vleermuizen of zaai bloemen waar vlinders van houden.
* Snoei de vlinderstruik (Buddleja davidii) in april tot ca. 80 cm. boven de grond. De snoeihoogte is afhankelijk van de leeftijd van de struik. Knip boven een paar nieuwe blaadjes en niet in het oude hout. De vlinderstruik bloeit vanaf de zomer op de takken die na de snoei gegroeid zijn.

* Poezen en honden hebben (vooral met warm weer) nogal eens last van vlooien. Een probaat middel hiertegen is een sterk aftreksel van alsem. De dieren er grondig mee wassen, naspoelen met schoon water en goed kammen om de (inmiddels dode) diertjes te verwijderen.
De vrouwtjesvlo deponeert haar eitjes niet op de prooi (zoals de luis) maar laat ze gewoon ergens vallen. Het gevolg is dat de grond bezaaid kan liggen met eitjes, larven en pas uitgekomen vlooien. Het is daarom zaak de vloeren goed te dweilen met water, waaraan aluin of creoline is toegevoegd, kleden en kussens te zuigen en te kloppen, de mand van hond of poes zorgvuldig schoon te maken.
Droge varens in mand of kussen houden vlooien op afstand.
Een vlooienband voor uw hond of kat is vaak te groot. Knip er een stukje af en doe dat in de stofzuigerzak. Opgezogen vlooien en eitjes gaan dan ook dood.

* Vlijtig liesje is sterk, heeft bijzondere rustgevende krachten (veel gebruikt in lotions en geneeskrachtige middelen) en is bovendien een lust voor het oog.
Van begin juni tot eind september geeft het vlijtig liesje prachtige bloemen in de kleuren roze, wit, rood, oranje of lila.
Zet een vlijtig liesje bij voorkeur op een schaduwrijke plek. Als de bloemen zijn uitgebloeid vormt zich een smal peultje van waaruit weer nieuwe zaadjes gelanceerd worden.

Voederbakken van uw dieren kunnen vaak wegglijden. Plak er eens een rubberen ring van een weckpot onder., of een stukje schuimrubber.
Zitten er af en toe mieren in de voederbak, zet die bak dan eens in een schotel gevuld met water. De mieren komen dan niet meer in de voederbak.

* Als u graag vogels op uw erf ziet, is een voedertafel een idee. Maak van een duurzame houtsoort een rechthoekig blad van 30 bij 45 cm. Behandel het hout met een beschermingsmiddel dat niet giftig is. Met latjes maakt u een opstaande rand van 2,5 cm. hoog. Zorg voor een uitsparing voor de afvoer van water. Spijker het blad met gegalvaniseerde spijkers vast op een stevige paal of tak. Zet de paal in een gat dat drie keer zo diep is als de diameter van de paal. Leg op de bodem een laag stenen en vul het gat met betonspecie. Druk het goed aan en schuin het beton rondom de paal af zodat regenwater makkelijk kan weglopen.

* Wie graag vogels in zijn tuin heeft, moet besdragende struiken planten, zoals hulst, berberis en cotoneaster.
Dichte struiken, waarin het goed nestelen is, zijn meidoorn, vuurdoorn, duindoorn en klimop.
Het drinkwater voor de vogels in de tuin zal niet bevriezen als er een schepje suiker in wordt gedaan. De vogels moeten overigens alleen worden gevoerd bij strenge vorst. Anders worden ze lui en zullen hun taak, het opruimen van insecten, verwaarlozen.
Welke vogel eet wat?
Merel, zanglijster, koperwiek, kramsvogel en spreeuw eten: broodkruimels, gewelde krenten en rozijnen, fruit, schillen en klokhuizen, alle soorten bessen, etensresten (rijst en aardappelen, zonder zout. Voederplaats: een sneeuwvrije plaats op de grond met beschutting vlakbij.
Mezen eten: vetbollen, ongezouten (dop)pinda’s, kokosnoot, vogelzaad en zonnepitten, voedertafel, voederhuisje of opgehangen in een boom.
Winterkoning, heggenmus en roodborst eten: universeel voer, broodkruimels, meelwormen, ongekookte havermout. Voederplaats: op een zeer beschutte sneeuwvrije plaats.
Musssen, vink en groenling eten: bruine broodkruimels, onkruidzaden, gemengd strooizaad, zonnepitten en etensresten zonder zout. Voederplaats: op de grond, eventueel voedertafel.
Specht, boomklever en boomkruiper eten: spekzwoerd, ongezouten (dop)pinda’s, vetbollen, zonnepitten. Voederplaats: vastgemaakt aan een boomstam op een rustige plaats.

* Vogelhuisjes ophangen kan in het najaar, met de opening naar het noordoosten, zodat er geen volle zon op staat en weinig kans op inregenen. Bovendien spreekt het vanzelf dat het vogelhuisje hoog genoeg hangt om geen katten te lokken. De hoogte dient zeker twee meter te zijn.
* Een goedkope vogelverschrikker is een aantal CD”s of DVD”s aan een dun nylonkoordje knopen en ergens neerhangen waar de wind de voorwerpen rond laat draaien.

* Laat de grond onder fruitbomen ongemoeid tot de tweede helft van mei. Als u de grond openwerkt of omspit heeft nachtvorst een grotere kans om toe te slaan. Onbedekte grond koelt sneller af. Dat komt omdat de vorstuitstraling op deze grond groter is. Door de bodem af te dekken met compost houdt u de uitstraling tegen.
Planten in de tuin worden goed tegen vorst beschermd door ze te bedekken met een laag bladeren (heel geschikt is eikenloof), dennentakken en turfmolm.
Ook de bakken met overblijvende planten op het balkon moeten tegen de vorst worden beschermd. Bv. met behulp van een rietmat of stro.

* Legt u een vijver aan, wacht dan even met beplanten. Ongetwijfeld vult u de vijver met kraanwater. Daar zit meestal een vleugje chloor of een ander middeltje doorheen waar waterplanten niet zo goed tegen kunnen. Binnen een dag of tien is dat uit het water verdwenen.
Als u plant, prop de vijver dan niet te vol. De meeste waterplanten groeien snel.
Uw vijver kunt u helder houden door:
– de vijver aan te leggen op een plek waar een goede verhouding zon/schaduw is
– een biologisch evenwicht in de vijver te creeëren door bv. goede vijveraarde te gebruiken
– zuurstofplanten en bv. waterlelies aan te brengen in het water
– de hardheid en zuurtegraad van het water regelmatig te controleren
– regelmatig bladeren te verwijderen
– te zorgen voor beweging van het water, bv. door het aanbrengen van een pomp

W.

* Wandluizen kan men op veilige afstand houden door gewoon hier en daar saliebladeren neer te leggen.

* Een wasbak die u nooit gebruikt, kunt u benutten als plantenbak. Bekleedt de binnenkant met plastic folie en richt hem in als een weelderige plantenbak. Watertoevoer is geregeld en u kunt de buitenkant van de wasbak nog een vrolijke kleur geven.

* U kunt oude washandjes met kleikorrels of scherven aardewerk vullen en dan onderin de buitenbloempot leggen. Dit zorgt voor een goede afwatering. In het najaar uitspoelen en drogen en het jaar daarop weer gebruiken.

* Water dat in beweging is, bevriest heel moeilijk. Laat ’s winters dus tijdens vorst continu het pompje in uw vijver aan. Is de vijver diep genoeg dan is dat natuurlijk minder nodig. Als de vissen maar genoeg ruimte hebben om een goed heenkomen te zoeken, overleven ze het wel.
* Watergeef tips:
1.  Zorg dat water altijd in fijne straaltjes wordt verspreid; zo raken planten niet beschadigd en ontstaan er ook geen modderpoelen.
2. Geef zachtjes en gelijkmatig water , dan komt het water bij alle wortels.
3. Gebruik tuinsproeiers voor borders, gras en groentenbedden; ze geven een groot gebied gelijkmatig en op een zachte manier water.
4. Wilt u dat planten diep wortelen, kies dan voor een sijpelende tuinslang of een druppelinstallatie. Hiermee gaat u meteen veel efficiënter om met water en worden geen enorme hoeveelheden water verspild.
5. Planten houden niet van ijskoud water. Geef liever regenwater of vul ’s morgens emmers met water, zodat het in de loop van de dat op temperatuur kan komen. Dit betekent wel dat u water moet geven met een gieter.
6. Gebruik lichte gieters voor planten die hoog hangen. Een gieter van verzinkt staal weegt leeg al snel twee kilo, terwijl een gieter van plastic slechts 200 gr. weegt.
7. Geef éénmaal per week – veel – water, hierdoor ontwikkelt de plant langere wortels die dieper in de bodem naar water zoeken. Veel kleine beetjes water geven zorgt voor luie planten met wortels die in de breedte naar water zoeken, waardoor ze juist eerder verdrogen.
8. Het beste moment om uw planten water te geven, is in de ochtend. Als u dit ’s avonds doet, blijft de aarde de hele nacht nat en de plant is daardoor gevoeliger voor schimmel. Sproeit u ’s middags bij (felle) zon, dan verdampt een groot deel van het water en bestaat de kans dat de bladeren verbranden.
9. Geef planten bij de wortels water, zodat het vocht direct opgenomen kan worden.

* Weegbree bloeit van juni – november. Het bestrijden ervan kan door uitsteken van de plant. In uw gazon zult u de weegbree er uit moeten steken. De grasmaaier gaat over de plant heen. De jonge bladeren, bloemaren en zaden zijn eetbaar.
Als u geprikt bent door een brandnetel, staat de weegbree altijd in de buurt. Kneed de bladeren en dep er de jeukende plekken mee. U zult zien dat het helpt tegen de jeuk.

* Een goedkope wespenvanger is een bekertje snoeptomaatjes (met een gat in de deksel). Eet de tomaatjes op en vul dan het bekertje met een laagje limonade en plaats de deksel er op de kop op. Is het bekertje vol met wespen dan koop je gewoon weer een nieuwe, nog gezond ook.

Ook een fles van bv cola is een goede wespenvanger. Snijd het bovenstukje eraf en zet die omgekeerd op de fles. Doe limonadesiroop onverdund in de fles en de wespen kunnen er niet meer uitvliegen.

Nog een idee is om alle glazen op tafel af te dekken met huishoudfolie en daardoorheen een rietje te steken. De wespen kunnen dan niet bij de limonade.
Wespen vertonen zich niet op plaatsen, waar de lucht van ammonia hangt. Men kan het beste schotels met water, waaraan een scheut ammonia is toegevoegd neerzetten.

* Uw tuin wieden in het vroege voorjaar heeft zo zijn voordelen. De planten zijn nog klein en niet zo diep geworteld.
Als u uw tuin vroeg in het voorjaar goed heeft opgeruimd, profiteert u daar de hele zomer lang van.

* Een winters tafereel op tafel is heel makkelijk te realiseren: verzamel verschillende soorten vaasjes in diverse tinten wit en grijs en zet ze op een dienblad. Leg in het dienblad wat rendiermos als ondergrond en vul de vaasjes met witte rozen, witte lelies, asparagus en eucalyptus. Zet er een (wit) kaarsje bij voor wat extra sfeer ’s avonds en u heeft een prachtig verstild winterlandschap.

*Winterharde planten kunnen buiten blijven en zullen niet gauw bevriezen. Ze overleven de vorst wel.
Half winterharde planten kunt u beter bedekken met tuinafval, stro, o.i.d., vooral rond de wortels. Ze kunnen wel een beetje tegen vorst, maar niet te langdurig en te streng.

* Een winterkoning is gek op meelwormen, droge havermout en brood, evenals het roodborstje.

* Deze witte bloeiers nemen genoegen met een plek met wat schaduw:
– Hortensia (Hydrangea arborescens ‘Annabelle’), heester, bloeit van juli tot augustus
– Tabaksplanten (Nicotiana), eenjarige zomerbloem, bloeit van mei tot oktober
– Hosta, diverse soorten, vaste plant, bloeit in juli en augustus
– Geitenbaard (Aruncus) vaste plant, bloeit in juni en juli
– Valse salomonszegel (Smilancina racemosa) vaste plant, bloeit in mei en juni
– Roos (Rosa ‘New dawn’) doorbloeiende klimroos, bloeit van junu tot oktober.
Typische witte planten voor een witte tuin:
– rozen
– vaste planten: met grijs blad  : artemisia en salie (salvia)
– bomen: grijsbladige sierpeer (Pyrus salicifolia) en sierkerssoorten (Prunus)
– tweejarigen: vingerhoedskruid (Digitalis) en damastbloem (Hesperis)
– struiken: boerenjasmijn en sering
– klimplanten: klimhortensia, clematis en Toscaanse jasmijn

* Wolluizen dan is alcohol of brandspiritus hier de remedie.
*Wortelen in uw moestuin kunnen wel eens kromgroeien of vreemde uitsteeksel hebben. De remedie is dan de rijen verder uit elkaar te planten.  Afhankelijk van de wortelsoort 25-40 cm. Wel dun zaaien, zo’n 5 cm. uit elkaar. Om ze later uit te moeten dunnen, is geen goed idee. U krijgt dan last van de wortelvlieg.

* Aangezien wijnranken langs de muren veel water gebruiken, mogen in de omgeving van deze ranken geen planten gezet worden die ook veel water nodig hebben.

Z.

* Legt u zaadjes 1 à 2 uur in melk dan bevordert dit de kiemkracht, deze methode is alleen geschikt voor grote zaden.

Om kiemkracht van zaad te testen legt u enkele zaadjes op een bord tussen nat gemaakte watten.
Vogels zijn gek op zaadjes, span daarom een vogelnet over het pasgezaaide plantgoed.
Omgekeerde jampotjes zijn ideaal om jonge plantjes tegen zon, wind en uitdroging te beschermen, de zaadjes worden dan ook niet opgepikt door vogels.

* Eind april kunt u de eenjarige zomerbloeiers zaaien. Het kan direct op de plaats waar ze moeten groeien. Grond fijn harken, broezen, zaad ruim uitstrooien en licht inharken of er wat losse aarde over strooien. Zet er een label bij, zodat u weet waar de bloemen verschijnen.
Als u zaait in rijtjes, weet u gelijk waar onkruid groeit en waar de gezaaide planten.
Bij het zaaien moet u op het weer letten. Gaat het vriezen, laat het zaaien dan achterwege. Wacht op een periode met zacht weer. Mocht er na het zaaien nog een periode met nachtvorst aanbreken, bescherm het prille zaaigoed dan tegen de kou. Dek het af met bv. zwart plastic, vuilniszakken, stro of dennentakken.
Als u gezaaid heeft, houd de grond dan goed vochtig.
Als u een stukje tuin over heeft, zaai daar dan extra bloemen in voor een pluktuin. Met een paar zakjes zaad kunt u de hele zomer armen vol boeketten plukken.
zaai nooit twee keer achter elkaar dezelfde gewassen op exact dezelfde plek. Anders raakt die grond uitgeput van de nodige voedingsstoffen. Plant daarom ieder jaar de gewassen op een andere plek.
Om zelf zaadbommen te maken, heeft u het volgende nodig: zaaigrond, klei, water en bloemzaden (gebruik zadenmengsels voor een bloemenweide of bijenplanten)
Zo maakt u ze:
1. Vermeng de klei met wat zaaigrond
2. voeg er water aan toe zodat het goed kneedbaar wordt
3. Meng het zakje zaad er doorheen tot het goed verdeeld is.
4. Verdeel de klei en tol er mooie bolletjes van
5. Laat ze een paar dagen drogen (Niet in de zon)
als ze klaar zijn kunt u ze op een kaal stukje grond gooien of cadeau doen aan een groenliefhebber.

* Zacht water voor het begieten van planten verkrijgt u door de volgende manieren:
– regenwater opvangen
– kraanwater koken en af laten koelen
– restjes gekookt water bewaren van de fluitketel bv.
– een zakje turf gedurende 12 uur in een liter water laten hangen (30 gr. turf is voldoende).

* Een vaste plant die zeker niet in de romantische tuin mag ontbreken is het 50 tot 75 cm. hoge Zeeuws knoopje (astrantia). De plant kan zowel in de volle zon als in de halfschaduw staan en bloeit van juni tot augustus.

* Zevenblad of tuindersverdriet, zoals het in de volksmond heet, is een hardnekkig onkruid. Eenmaal in de tuin heeft men het voor altijd. Het bloeit in juni en juli. Wie zevenblad in de tuin heeft, kan er maar beter het beste van maken. Geniet van de lieflijke witte bloempjes, of eet het op. Het blad is lekker in salades, kruidenboter, hartige taart, etc.
Zevenblad was vroeger een belangrijke groente met vit. A en C. Bovendien bevat het calcium en magnesium. Lekker om het blad te verwerken in salades, stamppotten en groene smoothies.

Zilvervisjes kan men overal tegenkomen, maar vooral op vochtige plekken. U kunt ze lokken met bananenschil of rauwe aardappel.

* Zomerbloeiers : Het voorjaar is de tijd om eenjarigen te kopen. Ze kunnen worden geplant in potten op het terras of tussen de vaste planten in de tuin. Zet ze wel binnen als het vriest. Planten die namelijk de hele winter warm in een kas hebben gestaan, kunnen niet tegen zelfs maar één graadje vorst. Tegen half mei (na Ijsheiligen) is het warm genoeg en groeien ze in verbazingwekkend snel tempo uit tot prachtige planten waar u maandenlang van kunt genieten.
Zomerbloeiers kunnen in een paar maanden tijd van een klein zaadje uitgroeien tot een grote plant vol bloemen. Water is daarvoor onmisbaar. Vooral bij droog en zonnig weer en als de plant in een kleine aardewerken pot staat is twee keer per dag watergeven nodig. Aardewerk is poreus zodat water snel verdampt. In een plastic pot gaat dat minder snel en is een keer water geven per dag voldoende.
Vul de pot voor zomerbloeiers niet helemaal tot de rand als u de planten erin zet, maar houd een gietrand over van een paar cm.
Een plant kan natuurlijk niet zonder water maar teveel is ook niet goed. Het moet kunnen weglopen uit het gat onderin de pot.
Als u de pot op een onderzetter plaatst, blijven de planten altijd vochtig en worden ze nooit te nat. De manier om prachtige zomerbloeiers te krijgen.
Heerlijk dat zomerzonnetje, maar bloemen in de vaas worden er iets minder blij van. Straling van de zon versnelt het verouderingsproces en het vaaswater wordt warm. Zet een vaas met bloemen dus niet in de zon, maar in de schaduw.

* Een vaas met zonnebloemen is prachtig, maar er moet wel zoveel mogelijk blad weggehaald worden om de bloemen genoeg kracht te geven, De vaas geregeld bijvullen, want zonnebloemen zijn erg dorstig.
Zonnebloemen draaien overdag mee met de zon. ’s Nachts keert de knop terug nar de oostelijke stand.

* Kruidachtige vaste planten, zoals rode zonnehoed (Echinacea), trekken veel vlinders aan en die passen in een romantische tuin.

* Zout is een probaat middel om onkruid tussen stenen of tegels te verwijderen. Strooi zout op het onkruid, een buitje regen en na enkele dagen ziet u resultaat.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *