Gladiolen

Kat aan het plassen????

F.

* Een ficus moet in een warme kamer staan, plaats deze plant dus in een kamer waar dag en nacht gestookt wordt. Maar zorg voor een vochtige omgeving. Gebruik een plantensproeier of een dubbele pot.
Indien een ficus niet verder groeit, dan is dit te wijten aan lichtgebrek. Deze plant kan niet tegen tocht en stelt prijs op een verblijf in een verwarmde kamer. In de winter weinig water geven en eenmaal per week de bladeren afsponsen met lauw water.|
Worden de bladeren van uw ficus geel, dan kan dit veroorzaakt worden door het geven van te koud of te warm water. Ongedierte kan eveneens de oorzaak zijn, hiertegen gebruiken we een nicotinebespuiting.
Uw ficus groeit breed als een struik, als u de middenstam op ong. 40 cm. hoogte scherp afsnijdt en de wond snel met een brandende lucifer dichtplakt, zodat hij niet leegbloedt.

* Van de framboos (Rubus idaeus) mogen de oude takken vlakbij de grond worden afgeknipt.
Frambozen zijn  gevoelig voor stengelziekte. Snoei daarom zo vroeg mogelijk nar de oogst dicht boven de grond en bedek de snijvlakken met grond om te voorkomen dat de stengelziekte zich uitbreidt.

* Fruitbomen, die tijdens de bloei worden besproeid, zullen meer vruchten leveren.
Door de bomen op de dag voor de pluk flink te besproeien, zal men vol, fris fruit oogsten.
De bomen van appels, zoete pruimen, kersen, perziken en bessen hebben meer kalk nodig dan die van peren, morellen en kwetsen (een soort pruimen)
Knoppen van fruitbomen die na een nachtvorst binnenin zwarte puntjes vertonen, zijn bevroren en zullen geen vruchten geven.
Fruitbomen hebben kwetsbare wortels. Zet te wortels bij voorkeur voor het planten in een emmer water. Maak een plantgat van 40-50 cm., en maak de aarde eromheen goed los. Voeg eventueel meststoffen toe. Let op dat de wortels niet knikken. Zet eventueel een steunpaal naast het boompje totdat het goed heeft geworteld.

* Een middeltje tegen fruitvliegjes kan zijn om een schoteltje neer te zetten met azijn en een druppel vloeibare zeep.

* Een fuchsia kunt u stekken als volgt:
1. Snijd met een scherp, schoon mes de stek schuin aan
2. Halveer de blaadjes
3. Houd de stek in de stekpoeder en zet hem in een pot met zaai- en stekgrond en geef water. Heeft de stek wortels gekregen, dan kan hij in de potgrond worden gezet. Dit geldt ook voor de geranium.
Het uiteinde van een fuchsia aftoppen als de plant drie paar bladeren heeft gevormd. Hierdoor wordt vorming van nieuwe zijscheuten onderaan de stengel bevorderd. Verwijder enkele weken later, als er zich nieuwe scheuten hebben gevormd, de bovenste bladeren van elke zijscheut om verder vertakken te bevorderen.
Ga door met toppen van de iuteinden van de zijscheuten als de deze zich ontwikkelen.
Stop met toppen als de plant een symmetrische vorm heeft met een evenwichtig verspreide scheuten. Planten met slappe takken moeten worden gesteund.
Stekken moet vroeg in de herfst geschieden. De plant kan, mits goed beschermd, buiten blijven.

G.

* Houd bij het inzaaien van uw gazon rekening met de volgende aaanwijzingen:
– spit de bodem goed om, zodat er genoeg lucht in de grond zit
– verdeel het graszaad gelijkmatig met een strooiwagen. Niet met de hand uitzaaien want dan groeit op de ene plek veel gras en op de andere niets
– gebruik kiemkrachtig graszaad en meststoffen die voedingsstoffen gedoseerd afgeven
– kies graszaad dat past bij de ligging en het gebruik van uw tuin, bv. graszaad voor speel- en siergazons
– besproei de grond dagelijks, dan ontkiemt het gras sneller
– wees geduldig en zaai niet te snel bij. Het kan vier á vijf weken duren voordat er een mooie grasmat ligt.
U kunt uw gazon het beste twee keer per jaar verticuteren. In maart/april en nog een keer in augustus. Naeen paar dagen ziet het gras er beter uit. Zijn er kale plekken, zaai dan nog wat gras bij. Verticuteren helpt om de bodem te voorzien van zuurstof. Dat helpt tegen mos.

* Misschien makkelijk om te weten: gele bloemen zijn over het algemeen sterker dan bloemen van een andere kleur.

* Het is raadzaam om geraniums en fuchsia’s te toppen. Weliswaar vertraagt dat de komst van de eerste bloemen, maar u krijgt er een veel fraaier gevormde plant van. In plaats van een stengel in de lucht, krijgt u een veel vertakte en vollere plant. In de eerste week van april neemt u de top uit de planten door hem eruit te knijpen. Van de nieuwe takken die zich ontwikkelen, verwijdert u de zwakste.
Geraniums die ’s zomers naar buiten kunnen, moeten met pot en al in de bloembak of de grond worden gezet. Haalt men de pot eraf dan krijgen de wortels teveel ruimte en wordt de bladgroei in plaats van de bloei bevorderd. Bovendien is het dan veel moeilijker ze voor de winter weer uit te graven.
Geraniums die hebben overwinterd op een koele plek, moeten in het voorjaar verpot en in het licht gezet worden. Een beetje insnoeien en steeds meer water geven. Niet al te warm zetten dan lopen ze snel uit en krijgen ze lange slappe sliertstengels en weinig bloemen.
Graaf de planten voor de eerste vorst uit en schud de losse grond uit de wortels. Snoei de stengels tot zo’n 10 cm. terug en verwijder de bladeren. Snoei de wortels tot zo’n 5 cm. terug.
Vul een bak met zaaicompost en plant de planten zodanig dat ze elkaar niet raken. Vul op met compost, geef dan water en laat uitlekken.
Zet de planten op een vorstvrije plek, tot de nieuwe scheuten verschijnen en pot ze dan op. Van de nieuwe scheuten kunnen in de lente stekken worden gesneden.
Nog een manier: Kies sterke, gezonde scheuten (die niet gebloeid hebben) en snijd ze iets boven de derde knoop vanaf de groeitop. Snijd elke stek iets onder de onderste knoop vanaf de groeitop. Snijd elke stek iets onder de ondsterste knoop en verwijder de onderste bladeren.
Kies een pot afhankelijk van het aantal stekken: er kunnen 5 stekken in een pot van 13 cm. Vul de pot met zaai- of stekcompost, druk stevig aan en zet de pot in een bak water, tot het oppervlak van de compost vochtig is geworden. Laat de pot dan uitlekken. Steek de stekken in de compost en druk de grond stevig aan., zodat er geen lucht rond de stekken blijft zitten. Geef ze nog geen water.
Zet de pot op een lichte, warme plek, maar niet in de volle zon. Geef de stekken na een week op dezelfde manier, als boven, water. Herhaal na een week of tien dagen. Tegen die tijd moeten de stekken gaan wortelen. Zodra de stekken wortels hebben gevormd (en er nieuwe bladeren verschijnen) kunnen ze in de goede bakken worden gezet.
Citroengeraniums verspreiden een heerlijke citroengeur. Dit is voor muggen heel vervelend. Het is een vaste plant, die vooral in de zomer hard groeit, en als het meezit, sierlijk rose bloeit.
De plant heeft de neiging alleen bovenaan lange uitschieters te laten groeien, waardoor de onderkant wat kaal lijkt. Dit kunt u voorkomen door een aantal jonge citroengeraniums bij elkaar in een pot te zetten, zodat het net één volle plant lijkt en de hoge uitschieters af en toe af te knippen. Dan gaat de citroengeranium onderaan weer nieuwe blaadjes maken. Geef de plant veel water, want door al die bladeren verdampt er ook veel.

* Gerbera’s blijven aanmerkelijk langer goed als de bloemenvaas maar voor eenderde gevuld is met water. Dagelijke verversen.
Zet de gerbera in het licht, maar niet in de zon, zodat de knoppen de kans krijgen zich rustig te ontwikkelen. Een beetje vloeibare mest doet de plant goed.
Giet lauw water onder de bladeren van de gerbera. Als u op de bladeren morst, kunnen er namelijk bruine vlekken ontstaan.

* Pak na het schoonmaken en drogen van uw tuingereedschap een oude lap gedrenkt in plantaardige olie en smeer daar het gereedschap mee in. Helemaan schoon en klaar voor volgend gebruik.

* Laat uw metalen gieter nooit op een droogje staan. Hij gaat dan roesten.
Zet uw gieter altijd gevuld met water weg, dan zult u van roestvorming geen last hebben. Bovendien hebt u zo altijd water op kamertemperatuur voor uw plantjes. (geldt niet voor buiten in de winter)

* Verschillende planten bevatten giftige bestanddelen. In ieder geval oppassen met: goudenregen (de peultjes), ricinus of wonderboom, peperboompje, jasmijn, kerstroos, lupine, monnikskap, ridderspoor, tabaksplant, dieffenbachia, oleander, vingerhoedskruid, IJslandse papaver, lelietje van dalen, aardappelplant en vogellijm.

* Bij gladiolen altijd de bovenste driebloemknoppen eruit halen, dan worden de overige bloemen groter en mooier.
De houdbaarheid van gladiolen wordt groter als de onderste twee bloemen al een beetje kleur hebben gekregen, dan kunt u ze afsnijden.

* Glazen potten van bv. augurken, jus ‘d orange o.i.d. kunnen dienst doen als plantenpot. Als u er grind en potscherven in doet vinden de planten het ook fijn.

* Goudsbloemen verdrijven mieren.

* U kunt voorkomen dat het gras tijdens het grasmaaien aan de maaier vastplakt door deze in te smeren met wat olie.
Pas gemaaid gras hoeft niet te worden weggeharkt. Het afgesneden gras verdwijnt en komt als voedsel in de grond terug. Dat geldt alleen als er regelmatig gemaaid wordt en het afgemaaide gras niet te lang is. 
Het gras van een nieuw gazon is sterker dan het meeste onkruid. Alleen paardebloem en weegbree kan men beter met wortel en al weghalen.
Gras tussen de tegels van het terras is gemakkelijk te verwijderen nadat men heet, zout water erop gegoten heeft.
Wanneer u precies langs de grasrand een rij klinkers legt heeft u geen last meer van gras dat tussen uw tuinpadtegels kruipt. U kunt natuurlijk ook bielzen neerleggen, maar dan bent u een stuk duurder uit. Het knippen van de grasrand gaat zo een stuk gemakkelijker.
Voor een volle, groene grasmat moet u:
– regelmatig maaien (in de zomer wekelijks)
– niet te vroeg in het jaar beginnen met maaien, want dan bestaat er nog de kans op bevriezing
– de grasmaaier goed afstellen. Door te kort te maaien kan het gras verbranden. Gele plekken in het gazon zijn het gevolg
– zorgen voor genoeg zuurstof in de ondergrond door twee keer per jaar te verticuteren. Hiermee wordt gazonvilt uit het gras verwijderd en krijgen jonge grasscheuten meer licht en lucht.

* Geen groene vingers? Denk dan eens aan een yucca, parapluplant of een chlorophytum als kamerplant. Een keer in de week wat water en de planten staan er florrisant bij zonder veel moeite.

* Sommige groenten kunnen ook in de bloementuin worden gekweekt. Uien, bieslook en knoflook tussen de rozen; sla tussen de goudsbloemen en bloemkool tussen de papavers.

* Ken uw grond. Kennis van de grondsoort in uw tuin geeft u een voorsprong bij het verzorgen van uw bloemen en planten. Met een glazen pot kunt u zelf een grove test uitvoeren.
Vul de pot voor tweederde met water. Afvullen met tuingrond, deksel erop en schudden. De tuingrond zal in het water uiteenvallen in zand, slib en klei.
Zand zakt het snelst naar beneden en bedekt de bodem van de glazen pot. Slibdeeltjes zijn langzamer en vormen op het zand een tweede laag. Klei slaat pas na enkele uren neer en vormt de toplaag. Veel zand betekent lichte grond die wel wat mest en compost kan gebruiken. Veel klei duidt op zware grond; hier kunt u zand toevoegen als bodemverbetering. Ideaal is een gelijke verhouding van zand, slib en klei. Op deze leemgrond presteert uw groengoed optimaal.

H.

* Een goedkope haag is te maken van wilgen- of populieren takken. Als men deze in het voorjaar een flink eind in de grond steekt, gaan ze wortelen en uitlopen.
Een snelle groeier voor uw haag betekent ook veel snoeien.
Wacht bij planten van een nieuwe haag niet met snoeien totdat het de gewenst hoogte heeft bereikt. Snoei tijdig! Uw haag gaat bij tijdig snoeien verdikken en de planten gaan goed groeien.

Diverse soorten hagen

Diverse soorten hagen

Daar komt nog bij, dat kleine planten veel beter aanslaan, grotere planten hebben veel meer moeite zich in vreemde grond te vestigen. Het duurt even, maar na een paar jaar is het verschil tussen groot en klein verdwenen.
Kies voor een haag liever geen zuilvormige coniferen, omdat die ook altijd zuiltjes blijven en het dus nooit een lekkere dichte haag wordt. Gewoon groeiende coniferen vertakken zich mooi in de breedte.
Taxus is de een van de mooiste (en makkelijkste) hagen. Ze zijn ijzersterk, kunnen heel oud worden en zijn tot op hoge leeftijd goed te verplanten. Taxus is in iedere vorm te snoeien en ook rigoureus terugsnoeien vinden ze niet erg, de haag loopt gewoon weer mooi uit. Het diepe groen van de taxus zorgt zomer en winter voor een mooie en rustige achtergrond.
Lage hagen:
– Buxus- wintergroen, snoei in mei en augustus, 7 planten p/m
– Lavendel- wintergrijs, snoei eind maart en na bloei augustus, 5 planten p/m
– Gamander- wintergroen, roze bloei, snoei 2x per jaar, 6 planten p/m
– Ganzerik (Potentilla)- losgroeiende haag, snoei in maart, 4 planten p/m
– Hypericum- gele bloei, bessen, snoei maart, 4 planten p/m
– Heiligenbloem (Santolina)- wintergrijs, snoei eind maart, 7 planten p/m
– Spirea Japonica- losse haag, snoei in maart en na bloei, 6 planten p/m
Middelhoge hagen: (tot ca. 1 m)
– Ligustrum vulgare- elegante ligustersoort, 4 planten p/m
Portugese laurierkers (Prunus lusitanica)- wintergroene kleinbladige laurier, zeer goed te snoeien, 4 planten p/m
– Bottelroos (Rosa rugosa)- uitbundige bloei en bottels, 4 planten p/m
– Egelantier (Rosa rubignosa)- blad geurt, bottels, 4 planten p/m
– Struikkamperfoelie (Lonicera nitida)- wintergroen, groeit snel en breed, dus vaak snoeien
– Zuurbes (Berberis)- ondoordringbaar, ook met rood blad, 4 planten p/m
– Sneeuwbes- ook voor schaduw, vaak knippen, bessen, 4 planten p/m
– Spiraea arguta- bloeit voorjaar, daarna knippen, 4 planten p/m .
Hoge hagen:
– Taxus baccata- de beste soort giftig, 3 planten p/m
– Beuk (Fagus sylvatica)- roestbruin blad in de winter, let er wel op bij aanschaf dat hij rondom vertakt is.
– Haagbeuk (Carpinus betulus)- sterk, verdraagt schaduw, 3 planten p/m
– Veldesdoorn of Spaanse aak- sterk, loopt mooi rood uit, 3 planten p/m
– Liguster- goedkoop, zeer snelle groei, vaak snoeien, 4 planten p/m
– Meidoorn- vroeg groen, ondoordringbaar, landelijk, 4 planten p/m
– Leylandcypres- sterk, maar zeer snel groeiend, goed bijhouden, want is niet in oud hout terug te snoeien, 3 planten p/m
* Haagwinde bloeit van juni – september.
Het is te bestrijden door de wortels po te lichten en te verwijderen. Trek de wortels er niet zomaar uit, want als u ze stuk trekt, stimuleert u de plant om scheuten te maken.
Bestrijden met een bestrijdingsmiddel geeft de haagwinde een voorsprong,  want hij houd van licht en wanneer zijn buren platgesporen worden, kan hij razendsnel tevoorschijn  komen en zijn wortels zijn niet geraakt. Schoffelen verergert het probleem.                 

* Als u uw handen met handcreme insmeert, voordat u in de tuin gaat werken, uw planten gaat verpotten of een ander werkje gaat doen waar u vuile handen van krijgt, zult u merken dat u uw handen naderhand sneller schoon krijgt.
Nog een idee is om de handen voor u ze gaat wassen, in te smeren met citroen. Ze worden heerlijk zacht en schoon.
Ook kunt u een oude electrische tandenborstel gebruiken om uw handen schoon te poetsen.
* Oude handdoeken zijn nog goed om te gebruiken voor het afdrogen van hond of kat na een wasbeurt.

* Hangmanden kunt u moelijk bereiken om ze water te geven. U kunt dan een klein flesje in de mand doen, voordat is ze vult met aarde en planten. In dat flesje prikt u een aantal gaatjes en u snij de bovenkant eraf. U kunt dat flesje nu vullen met water. Na een dag of drie kunt u dat herhalen. U zult zien dat het niet meer lekt.  
In hangmanden zit vaak plastic op de bodem. Let daarop en maak een gat in dit plastic om het water weg te laten lopen.

* Hangplanten worden voller (en dus mooier) als men de lange uiteinden geregeld insnoeit.

* Groenblijvende heesters en bomem moeten vroeg in de herfst worden verplant, ze kunnen dan voor de vorst nog nieuwe wortels maken.

* Heide blijft langer goed als de takjes enige uren in water gelegd en daarna in een vaasje zonder water gezet worden.
Heide in een vaas behoudt zijn kleur als u een beetje glycerine in het water doet.

* Heliotropium (zonnewende) verspreidt zomers een heerlijke geur. In een pot met kalkhoudende grond voelen de plantjes uit Peru zich helemaal thuis. De sterkst geurende soorten zijn: “Charsworth”, “Princess Marina” en “Regal dwarf” .

* Takken met herfstbladeren blijven lang mooi als ze tien dagen in een mengsel van gelijke delen glycerine en water worden gezet en vervolgens aan de onderkant worden bestreken met doorzichtige vernis.
Ruim herfstbladeren een op met de sneeuwschuiver en een bezem. Als u de GFT bak in de buurt zet met de deksel open, kiept u de sneeuwschep vol herfstbladeren zo in de bak.

* Bij hibiscus verschijnen de bloemen op de takken die dit jaar nieuw aan de struik groeien. Een hibiscus op stam mag tot vlak boven de stam helemaal kort worden geknipt.
Bij een struikvorm houdt u de struik luchtig door takken die teveel binnen in de struik groeien of elkaar kruisen af te knippen. Zijtakken kunnen net zover worden gesnoeid als u wilt. Kijk wel of het model van de struik mooi blijft. Snoeien mag aan het eind van de winter of in het voorjaar.
Het onderhoud van een hibiscus is simpel. Hij mag in de halfschaduw of zon staan. Bloeit zeer rijk en is bestand tegen de Nederlandse winters. Wel heeft de hibiscus wat extra water nodig in droge periodes en kin het voorjaar mag u ‘m terugsnoeien.

* Heeft u geen hor in het open raam staan, plaats er zo mogelijk een paar potten met ricinusplanten voor. De vliegen zijn op deze planten in het geheel niet gesteld.

* Wil men hortensia’s met blauwe bloemen dan kan men roestige spijkers of ijzervijlsel in de potgrond mengen.
Ook een idee is om hortensia Blauw van Pokon door het gietwater te mengen.
Hortensia’s beginnen in de nazomer al bloemknoppen voor volgend jaar te vormen. Wilt u wat bloemen hebben voor een boeket? Knip ze dan met zo kort mogelijke stelen af. Zo voorkomt u dat u de bloemknoppen voor volgend jaar afknipt.
U verjongt de hortensia door in het vroege voorjaar de oudste takken tot op de grond af te knippen.
Ook kan de hortensia eens in de vijf jaar in april helemaal kort worden gesnoeid, de bloei slaat dan wel een jaartje over.
De hortensia met groenwitte bloemen (Hydrangea arborescens Annabelle) bloeit op de takken die nog dit voorjaar worden gevormd. Deze hortensia mag dus flink worden teruggesnoeid. Knip hem af op ong. 20 a 20 m. boven de grond.
Het drogen van hortensia´s gaat als volgt: sommige soorten luisteren niet zo nauw om de bloem eruit te halen, maar eigenlijk moet u naar de bloemen ‘luisteren’. Het natuurlijke drogingsproces moet al een beetje op gang zijn gekomen en dat kunt u vaststellen door voorzichtig in de bloemen te knijpen. Als ze een beetje knisperen, zijn ze geschikt om ze te laten drogen. Geen water meer in de vaas gieten en de bloemen zullen mooi verdrogen.
Hortensia’s die op oud hout bloeien, hoeft u niet te snoeien. Wel kunt u de dode bloemen eruit knippen.
Ook kunt u oude takken snoeien tot op de grond, zodat de struik zich verjongt. Maar doe dat met oude takken die overhangen of de hoogste twijgen.
Ook kunt u het ene jaar de ene helft van de struik afknippen en het andere jaar de andere helft.

* Bij sommige planten met houtige stengels is het moeilijk te zien of ze nog leven, als ze nog niet uitlopen. Door met de nagel een stukje bast weg te halen kan men zien of het bastweefsel nog groen is. Is er groen dan is er leven en dan zal de plant ooit nog wel eens uitlopen.

* Met houtworm kan men op verschillende manieren de strijd aanbinden. U kunt benzine in de gaatjes spuiten en vervolgens de gaatjes dichtmaken.
Ook kunt u eikels neerleggen. De houtworm komt daar op af. Vervolgens dan natuurlijk vernietigen.
15 gr. carbolzuur oplossen en het aangetaste hout met een kwasjtje bestrijden. Het heeft ewl een sterke lucht, maar helpt gegarandeerd. Zo mogelijk twee of driemaal herhalen.
U kunt ook 3 delen tetrachloorkoolstof mengen met 1 deel terpentine en enkele druppels paraffine. Daarmee de houtworm gaatjes meerdere malen bestrijken. Doe bij dit karwei beslist rubber handschoenen aan.

* Hulst moet in de herfst tijdig worden afgedekt met een net als men met Kerstmis het huis wil versieren met hulst met bessen uit eigen tuin. Zo niet dan zullen de vogels alle bessen al voor de kerst hebben opgegeten.

* Met hydrokorrels in uw balkonbakken hoeft u niet zo vaak te gieten, ca. 100 korrels kunnen zes liter water bevatten.

J.

* Jasmijn (Solanum jasmoinides) is een klimplant die zes meter hoog kan worden. Nadat de bloemen geurig bloeien veranderen ze in mooie blauwe besjes.

* De jute om de kluit van vaste planten kan er beter omheen blijven. Alleen de bovenkant losmaken, de jute verteert vanzelf in de grond.

K.

* Een kaaps viooltie heeft erg veel licht nodig om knopjes te vormen. Felle zon is echter niet goed, beter is het om de plant ’s avonds onder een lamp te zetten en overdag in het licht.

* Kakkerlakken gaan op de vlucht als ze komkommer ruiken. Het is al voldoende om een stukje schil in kieren en hoeken te leggen.
Wil men kakkerlakken verdelgen, dan is een in bier gedrenkte lap een goed middel. De kakkerlakken verzamelen zich erin en kunnen dan gemakkelijk worden opgeveegd.
Ook de geur van zoute haring kan kakkerlakken verdrijven.
Nog een manier: strooi een aantal nachten achter elkaar wat poedersuiker met borax om van de kakkerlakken af te komen.

* Een kalanchoë krijgt pas knoppen als er minder dan 12 uur zonlicht is. Ze bloeien dan een week of acht.
Hij heeft indirect zonlicht nodig en wekelijks een scheutje water doet de kalanchoë goed.

* Een kamerden moet licht geplaatst worden. Ook droog houden. In de zomer zo licht mogelijk zetten. liefst buiten en in de winter niet te warm, een juist vorstvrije kamer is al voldoende. Normale kamerwarmte is veel te hoog.

* Wilt u van een kamerlinde bloemen hebben, dan moet deze kamerplant niet te warm staan. ’s Winters in het volle licht en in een matig verwarmd vertrek. Spaarzaam water. Eens in de 2 of 3 jaar nieuwe aarde en verpotten in mei.
Het ‘oranjeplantje’ is een aardig kamerplantje. Begin oktober moet het binnenshuis gebracht worden. Vraagt licht plaats en geregeld water (lauw) en niet te veel, anders worden de bladeren geel. Om de twee jaar verpotten.

Kamerplanten krijgen niet zo vlug luizen als u lucifers rechtop in de aarde om de plant steekt.
Hard water is slecht voor kamerplanten.  Het mesten van planten en bloemen kan heel eenvoudig door aan het water fijngemalen eierschalen toe te voegen. Ook een restje koude thee doet wonderen . Een linnen zakje met turfmolm in de gieter onthardt het water.
Kwijnende kamerplanten hebben nogal eens last van verzilting, die ontstaat wanneer men water geeft op de schotel. Grond en pot verdampen meer dan de helft van het water en in de bovenste grondlaag blijft een sterk geconcentreerd zoutgehalte achter.
Kwijnende kamerplanten kunnen geteisterd worden door wormen. De wormen komen naar boven als de aarde in de bloempot wordt begoten met een sopje van groene zeep. Het sop eraf gieten en naspoelen met schoon water.
De wormen komen eveneens naar boven als de kamerplant wordt begoten met een aftreksel van notenboombladeren.
Ook kan men proberen de wormen te lokken met een broodkorst in de potaarde van de kamerplant.
Kamerplanten drinken het liefst water op kamertemperatuur. En daarbij gaat hun voorkeur dan ook nog uit naar regenwater of onthard (ontkalkt) leidingwater. Ontkalken kan door het water langzaam door droge turfmolm te gieten, de kalk zal daarin achterblijven.
Wanneer men water gebruikt, dat minstens 24 uur in de gieter staat, dan zal de kalk daarin bezonken zijn. (goed voor kamerplanten).
Kamerplanten met een bont, licht blad hebben over het algemeen meer licht nodig dan planten met donkergroen blad. Bontbladige kamerplanten die te licht staan krijgen op den duur gewone egaal groene bladeren.
Een te grote pot is even slecht voor een kamerplant als een te kleine. De wortels groeien dan naar de zijkanten in plaats van naar beneden. De kans dat de potgrond in het midden ongebruikt blijft en verzuurt is dan groot.
Sommige kamerplanten hebben een giftig melksap, dat nare gevolgen kan hebben als men een open wondje aan de handen heeft. Dat zijn bv.: oleanders, kerststerren, dieffenbachia’s en Christusdoorns.
Kamerplanten doen het goed als men ze geregeld verwent met oude thee, theebladeren of tabak. Bladluis schijnt dan ook niet zo’n trek in de planten te hebben.
Aan felle zon (achter glas) hebben bijna alle kamerplanten een hekel. Wel verdragen ze een winterzonnetje of een vroege ochtendzon. Scherm in de zomer de kamerplanten daarom af met kranten of een plantenscherm.
De kamerplanten altijd bovenop de aarde water geven, liefst in een gietrand (of in een aangebracht gootje van ca. 1 cm. diep).
Bladplanten zowel als bloeiende kamerplanten moet men van bovenaf begieten. Water dat na 20 min. nog niet weggetrokken is afgieten.
Te zure potgrond is voor veel kamerplanten niet goed. Geef af en toe een beetje verpakte compost, dat veel kalk bevat.
Hetzelfde resultaat is te bereiken met krijtpoeder dan van geraspt bordkrijt te maken is.
Kamerplanten nooit klakkeloos water geven. Als ze nog vochtig genoeg zijn, kunnen ze beter een drinkbeurt overslaan.
In de zomer staan bepaalde (kamer)planten zoals geraniums, begonia’s, verplanten en cactussen graag in het zonnetje op balkon of terras. Geef ze dan geen plastic sierpot, die worden gloeiend heet in de zon.
In het groeiseizoen moetenkamerplanten over het algemeen eens in de 2 à 3 weken worden bemest. De mest wordt beter door de planten opgenomen als hij van tevoren in water is opgelost.
Met een laagje mos bovenop de kamerplanten blijft de aarde langer vochtig.
De meeste kamerplanten genieten van een mals regenbuitje. Ze moeten dan wel eerst uit de sierpot worden gehaald., anders staan ze snel onder water en daar houden de meeste kamerplanten niet van. Behaarde en bloeiende planten zijn echter niet zo dol op regen.
Kamerplanten met uitgedroogde potgrond en planten, die een opkikkertje nodig hebben, worden geborreld. Men zet ze in een emmer lauw water (de pot moet helemaal onder staan) tot ze uitgeborreld zijn. De pot laten uitlekken voor hij weer in de sierpot of op de schotel wordt gezet.
Azalea’s en cyclamen hebben wekelijks behoefte aan zo’n borrelbad.
Het verpotten van uw kamerplanten gaat als volgt: zet de potten di u wilt gebruiken, de avond van tevoren in een emmer met water, zodat het aardewerk voldoende water kan opzuigen. Anders zou er teveel vocht aan de potaarde worden onttrokken. De potten niet meer dan één maat groter nemen. In plaats van een scherf een stukje bot op het gaatje leggen, de kalk geeft de plant meteen voedsel.
* Kamerplantenmest:
– Eierdoppen of een kleuin stukje meubelmakerslijm in de bloemengieter laten uw planten sneller groeien
-Roet, koffiedik of koude overgebleven thee met theebladeren vormen een voortreffelijke mest en kosten niets.
– Ook kunt u een paar oesterschelpen in een plasticzak fijnkloppen en de stukjes over de aarde strooien. Het is ook goed haren, die in uw kamer zijn achtergebleven, door de potaarde te mengen.

* De oorzaak, dat een kat die nooit buitenkomt, zich bij voorkeur te buiten gaan aan sprieterige planten of groen in uw bloemstukken is, dat zij ook nog wel eens een hapje groen lusten. Omdat zij tijdens het likken veel losse haren naar binnen krijgen, eten zij gras om deze ‘haarballen’ weer kwijt te raken.
Een bloempot, met een stevige pol gras erin, op een plaatsje zetten waar de kat langskomt en het euvel is verholpen.
Gooi eens azijn op de plaatsen waar de kat z’n behoefte doet, katten hebben een hekel aan de geur van azijn.

Kat aan het plassen????

Kat aan het plassen????

Plast uw kat naast de kattenbak? maak deze plek dan goed schoon met groene zeep en spoel na met koud water. Dit voorkomt dat uw kat nog een keer op deze plek plast.
Als katten toch in uw bloembak graven, doe er dan eens kiezelstenen in, bovendien houden de stenen vocht vast.
* Een uitstekend middel tegen kattenvlooien is een aftreksel van alsemblad (Artemisia absinthium)

* Gooi de kerstboom als hij verdroogd is niet op straat, maar knip de takken af en gebruik ze als bedekking voor vorstgevoelige tuinplanten.

* Een kerstster hoeft niet te worden weggegooid als de rode bladeren afgevallen zijn. Insnoeien tot 10 cm. boven de pot, nieuwe aarde geven met een beetje gedroogde koemest. In de zomer veel water geven.
Kerststerren bloeien binnen het mooist bij een temperatuur tussen 15 en 20 C. Ze houden van licht, maar zeker niet van direct zonlicht en warmte.

* Kevers en torren zijn te vangen in een propje papier of een kluwentje houtwol. Met de hand kunt u het ook proberen.

* Planten voor kinderen
–  Laat een uienbol uitlopen in een hyacintenglas.
– Wal-. hazel- en paranoten kunnen aan de bast worden ingesneden en zo in de grond gestopt.
– Eikels, kastanjes, witte bonen en verse kapucijners worden pas boeiend in de grond.
– Snij van een winterwortel, bietje of selderieknol een kopje met groen af en zet dit in water, de pruik naar boven.
– Ook pitten van citrusvruchten, perziken, pruimen, appels en kersen kunnen het als plant aardig doen. Moet u ze wel even in de grond stoppen.
* Het kindje op moederschoot vraagt weinig onderhoud. Niet in de volle zon, lichte plaats, zomers vrij veel en ’s winters spaarzaam met water.

* De klaverzuring bloeit van april – oktober.
Het is te bestrijden door te wieden, schoffelen en uitzaaien te voorkomen.
Alle delen zijn als smaakmaker te gebruiken in salades en soepen
Het plantje oogt onschuldig, maar zaait zich enorm uit en dan is het einde zoek. Haal dus meteen weg.
Als u de blaadjes stuk wrijft, helpt het vrijgekomen zuur bij het verwijderen van roest. Dit plantje is rijk aan vitamine C.

* U kunt tuinpotten het beste met potgrond vullen. Op de bodem legt u een flinke laag kleikorrels. Dat zorgt voor een perfecte drainage. Het is alleen onhandig de kleikorrels van de aarde te scheiden als er nieuwe grond in moet. U kunt netjes van uien of sinaasappelen bewaren. U doet daar de kleikorrels in en knoopt deze dicht. Zo kunt u de korrels makkelijk uit de pot verwijderen als er nieuwe aarde in de pot moet.

* Bonte klimop is gauw tevreden. Wat morgenzon of zonloos venster. In het voorjaar en in de zomer vrij veel water. om de 14 dagen kunstmest. Kan niet tegen koude. Groeit langzaam. In het voorjaar verpotten in goede tuinaarde of bladgrond met tuinaarde vermengd.
Als u klimop mooi vindt tegen de gevel van uw huis kunt u dat gerust laten groeien. Het is een fabeltje dat de muur daardoor vochtig zou worden. Wel hebt u natuurlijk wat meer last van insecten.Maar daardoor hebt u weer meer mezen in uw tuin en dat is ook gezellig.
Een goede mest voor klimop is koffiedik, aangelengd met water.
Als u een vorm in de pot plaatst, bv een bol van ijzer, dan zal de klimop zich om die vorm heen groeien.
Klimop groeit zelfs in de winter door. Snoei de klimop in het voorjaar flink terug, de plant zal snel weer uitgroeien en er mooi groen uitzien.Snoei net zoveel als u wenst, klimop loopt altijd weer uit.

* Klimplanten
Voor in de schaduw:
Kamperfoelie
Klimop
Klimhortensia
Wingerd
Duitse Pijp
Voor in het zonlicht:
Blauweregen
Klimrozen
Clematis
Druif
Lathyra
Klimplanten hebben mest nodig. In de late winter en het vroege voorjaar dient u ze goede organische mest toe voor klimplanten.
In de zomer zo rond de langste dag willen veel klimmers (vooral rozen) een extra mestgift.
Klimplanten  kunt u gemakkelijk vermeerderen door een uitloper in de grond te stoppen. Pas in de herfst kunt u deze uitloper losknippen van de moederplant en u heeft een nieuwe stek.

* Houten klimrekken voor planten zijn kant-en-klaar te koop. De meeste klimrekken bestaan uit een frame en een raster van latten dat groeiende klimplanten houvast geeft.
Zelf een klimrek maken kan ook. Neem een duurzame houtsoort, want uw klimrek wordt elke dag blootgesteld aan de elementen en het gewicht van de plant zal met de jaren alleen maar toenemen. Bevestig het klimrek met schroeven. Plaats het rek op enkele centimeters afstand van de muur, zodat de klimplant ook achterlangs kan groeien. Van ijzerdraad en gaas maakt u een eenvoudiger klimrek. Neem horizontale stroken ijzerdraad van ongeveer een meter lang. Schroef ze tegen de muur met schroeven die een oog hebben waar u de ijzerdraad doorheen kan halen. Plaats de draden op een afstand van 30 tot 45 cm. onder elkaar. Als u hier gaas aan vastmaakt, hebben uw klimplanten meer houvast.

* Klimrozen zijn prachtig om langs pergola’s te laten groeien, ze worden vaak gecombineerd met een clematis.

* Plant eind september op een oppervlakte van bv. 60 bij 30 cm. op een diepte van ong. 10 cm. teentjes knoflook. Eén teentje per plantgat, onderlinge afstand 35 cm. De planten zijn winterhard en leveren vanaf eind juni of begin juli de eerste bollen als het blad gaat verdrogen en de stelen omvallen. Dan heeft u van een teentje knoflook een hele bol. Plant ze in potgrond. Zet het plekje af met touw en bamboestokjes. In het voorjaar goed water geven. Geoogste bollen in de wind onder een afdakje nadrogen en afrijpen. Bewaar knoflook op een droge, koele, vorstvrije plaats.

* Knolbegonia’s en dahlia’s moeten voor de winter gerooid en bewaard worden in vochtig zand of turfmolm op een vorstvrije plek.

* Knolvenkel moet u in de gaten houden; zodra de eerste  bloemstengel verschijnt, moet u oogsten, anders wordt de knol hard. Plant meteen nieuwe venkeltjes.

* Koffiedik wordt gewaardeerd door zomerbloemen, zoals begonia’s, duizendschonen en afrikaantjes. Voeg koffiedik toe aan de aarde, neem twee of drie handjes per meter balkonbak. Niet alleen kuipplanten, maar ook tuinplanten houden van deze bemesting.
*Aan een komkommer kunt u goed zien of hij oogstbaar is. De punten worden rond en de stekelige uitstulpingen zijn verdwenen.

* Konijnen houden niet van azalea, rozemarijn, iris, aster, blauwklokje en buksboom. Met deze planten kunt u een poging doen de konijnen uit uw tuin te houden.

* Het koolwitje heeft op kool voorzien. Met een handigheidje kunt u het vlindertje op een dwaalspoor brengen. Normaliter herkent het vanuit de lucht de koolplanten. Door klaver onder de plantjes te zaaien raakt de vlinder het spoor bijster. Het koolwitje ondekt de kool niet meer.

* De glanzende oranje bolletjes van koraalmosje (Nertera granadensis) maken een vrolijke indruk, vooral als u een aantal ervan in een pot zet. Het is heel belangrijk dat u nooit water bovenop het plantje gie. Het beste kunt u water op het schoteltje gieten, dan zuigt het koraalmos dat zelf op. Zet het plantje niet te licht; de bolletjes worden dan flets.

* Korstmos op de stam van de boom kan geen kwaad. Korstmos haalt voedsel uit de (schone) lucht en laat de boom met rust Hebt u de boom echter om zijn waardevolle stam gekozen, dan kan korstmos verwijderd worden. Neem hiervoor een harde borstel en een emmer schoon water en borstel de stam schoon.

* Kruiden eens in de drie jaar scheuren en opnieuw planten. Maart en april zijn de beste maanden om dat scheurwerk te doen.
Kruiden in de keuken kunt u kweken door bv een oud aquarium te vullen met een laagje grind van 2,5 cm. Vul het aquarium dan verder met potgrond tot zo’n 12,5 cm. onder de rand. Zet hierin de kruiden.  Zet de bak dan op een zonnige plaats in de keuken.Kruiden
Kruiden zoals lavendel, salie, en tijm moeten worden gesnoeid om te voorkomen dat er lange houtige slierten ontstaan. De beste tijd voor dit klusje is meteen na de bloei en voor de vorst.
Kruiden kunnen doorbloeien, ze verliezen daardoor hun smaak. U kunt dit voorkomen door de uitgebloeide bloemen eruit te halen. De bloemen van bieslook en tijm zijn overigens erg lekker in sla.
Kruiden hoeft u niet perse te bemesten, het komt de smaak niet ten goede. Maar in potten kunnen de kruiden uitgehongerd raken. dus daarom wel zo nu en dan wat bemesten.
Winterharde kruiden kunnen vrijwel het hele jaar worden geoogst. Maar van enkele kruiden die u veel gebruikt, die ondergronds overwinteren en van eenjarige is het raadzaam een voorraadje aan te leggen.
Peterselie, selderij, bieslook en tijm kunnen na het oogsten worden ingevroren. Oogst ze in de morgenuren, als de dauw is opgedroogd, maar de felle zon nog niet schijnt. Was ze, sla ze goed droog, snij ze klein en doe ze in een plastic zakje en vries ze in.
Van basilicum kunt u basilicumolie maken. Pluk in de zomer een grote hoeveelheid blaadjes, doe ze in een pot en giet er olijfolie over tot ze onder staan. Sluit de pot en laat deze minstens een maand onaangeroerd. Giet de olie af in een schone fles. Gebruik de olie in wintersalades en geniet na van de zomerse geuren.
* Een kruidentuin kan het best worden aangelegd op een niet te zware losse grond. Vrijwel alle kruiden hebben veel zon nodig en moeten beschut worden tegen de wind. (behalve zie schaduw)

* Door de stekels van de kruisbes (Ribes uva crispa) is dit een struik waarbij handschoenen bij het snoeien goed van pas komen. Snoei alleen de oude vergrijsde takken eruit.
* Zin om groentes te zaaien? Koop dan geen dure kweekbakjes maar gebruik lege druivenbakjes. Dit zijn uitstekende kasjes; het overtollige water loopt eruit en door de deksel die erop zit, blijven de zaadjes goed op temperatuur.