Bloem

A.

* Groene aanslag op terrastegels zijn gemakkelijk weg te krijgen door een plantenspuit te vullen met water en een scheut schoonmaakazijn. Spuit dit op de tegels en de aanslag is na een paar dagen verdwenen.

* Een zoete aardappel valt binnenshuis te kweken als u die plant in een mengsel van turfmolm en zand. U kunt de aardappel echter ook in een pot met water zetten, dat u iedere week tweemaal moet verversen. Het water moet halverwege de aardappel staan. Zoete aardappelen hebben zeer aparte scheuten met donkergroene, klimopachtige bladeren, die al naar u wenst, gaan hangen of klimmen.
Aardappelen kunt u oogsten zodra het loof begint af te sterven. Wees bij aardappelen altijd alert, zodra een aardappelziekte de kop opsteekt, moet u het hele veldje rooien.

* Gebruik kant-en-klare toetjesbakjes voor het voorzaaien van tomaten, aardbeienplantjes, etc, ook handig zijn eierdozen.

Gaan uw aardbeien bloeien, schoffel gedurende die tijd uw bedden dan niet.

Geen vruchtdragende aardbeienplanten moet u verwijderen.
Stro tussen de planten geeft mooie, schone aardbeien.
Na drie jaar geeft de aardbeiplant minder aardbeien.

De beste maand om aardbeien te planten is april. Zet die rode rakkers niet in de volle zon, houdt ze uit de wind en zorg voor een goede afwatering.
Goede buren van de aardbei: knoflook, peterselie, prei, radijs, sla, spinazie, stambonen, tijm, tomaat, ui, veldsla
Slechte buren: bloemkool, broccoli, komkommer, koolsoorten, spruiten.

* Nieuwe aardewerk bloempotten moeten eerst enkele uren in water ondergedompeld blijven. Ze kunnen zich dan volzuigen met water, zodat ze daarna geen vocht meer aan de potaarde onttrekken.

* Aardpeer oftewel topinamboer kunt u in maart of april zaaien. Van dit wat minder bekende maar oersterke gewas zijn verschillende rassen verkrijgbaar. Gigant is een ras dat bloeit en grote gladde knollen geeft. Dat is gemakkelijker bij het schoonmaken. Witte of Blanc geeft een hogere opbrengst van witte knollen, maar de kans op onregelmatige vertakkingen is bij dit ras weer groter. De beste culinaire kwaliteit geeft naar verluidt het roodschillige ras Fleuron d’Anjou.

* De aardvlo is eigenlijk geen vlo, maar een klein springend kevertje, dat vooral bij droog weer een waar schrikbewind uitoefent in de tuin. Vooral het jonge zaaigoed heeft te lijden van deze vraatzuchtige diertjes, die met zovelen zijn, dat er soms niets van de plantjes overblijft. Het is niet gemakkelijk de aardvlo milieuvriendelijk te bestrijden, maar men kan het proberen met koud water, de aartsvijand van de aardvlo. Men moet dan wel minstens tien keer per dag de jonge plantjes besproeien. Alle kans dat de aardvlo op de vlucht slaat, terwijl een dag of tien rust de plantjes zo sterk maakt dat de aardvlo hem minder kwaad kan doen.
Bij kamerplanten wordt de aardvlo verdreven door lucifers met de kop naar beneden in de aarde te steken.
Met een plankje ingesmeerd met teer vangt men de aardvlooien die tussen de jonge aanplant in de tuin zitten. Ze springen erop en kleven vast.
Radijsjes worden vaak aangetast door aardvlooien, maar als men bij de radijs sterrekers zaait, komt er geen aardvlo in de buurt.
* Afrikaantjes zijn de vrolijkste zomerbloeiers die u zich voor kunt stellen. Er zijn drie rassen “Lemon Green” (citroengeel), “Golden Gem” (oranjegeel) en

Verschillende kleurtjes.

“Paprika” (roestrood).
Voorzaaien binnenshuis gaat heel makkelijk, en buiten kunt u ook ter plaatse zaaien, wat later in het voorjaar. Het blad geurt, niet romantisch zoet, maar heerlijk fris naar citroen.
Afrikaantjes gaan aaltjes in de grond tegen.

* Ook in de halfschaduw is akelei een gemakkelijke plant. Probeer na de bloei eind juni, zo weinig mogelijk op die plek te schoffelen Grote kans dat de bloemen zich dan gaan uitzaaien.

* De gel in de bladeren bevat zoveel gezonde stoffen dat de aloë vera in de oudheid de ‘plant van onsterfelijkheid’ werd genoemd. Een aloë vera in de vensterbank is minder krachtig dan die in de tropische zon gedijt, maar ook dan helpt de gel bij (brand)wondjes, muggenbeten en huidirritatie. Plaats in de volle zon. Water in het groeistadium (april-oktober) matig water geven, net genoeg om niet helemaal uit te drogen. De rest van het jaar nog minder water geven. Ruimte: zorg voor en flinke pot.

* Alliums  zijn van mei (Allium ‘Purple Sensation’) tot en met juli (Allium sphaerocephalon) met hun rond bloemen een sieraad in elke tuin. (allium=sierui).

* Bij Amaryllusbloemen kunt u plakband wikkelen om het uiteinde van de steel.
Snijd een recht stukje van de steel van de amaryllus af en bind er een stukje cadeaulint, raffia of dun touwtje om. Zet de bloem vervolgens in een laagje water van ca. 10 cm. De stelen krullen voorstaan onderaan niet meer om en blijven zo mooi stevig.

* Uit het kruintje van de ananas is binnen een ananasplant te kweken. De bovenste schijf van de ananas (met het kroontje eraan) wordt in de aarde gestoken. Een plastic zakje er omheen zorgt voor de juiste broeitemperatuur.

* Japanse andoorn (Crosne) is een onbekend gewas, maar leuk om eens te telen. U start met het planten van de kleine geribbelde knolletjes; ong. 3 bij elkaar met tussenafstanden van 30 cm. Gedurende de zomer groeien die uit en ontstaan er, net zoals bij aardappelen, meerdere nieuwe knolletjes. Die rooit u in de herfst weer op. Enkele zijn nodig voor het volgende teeltseizoen en de rest is voor consumptie. Ze zijn heel te eten en u kunt ze frituren, stoven of roerbakken.

*Oogst andijvie (en sla) voordat de groente gaat bloeien. (“schieten”). Sla en andijvie zijn dan nog wel eetbaar maar u kunt de groente nauwelijks nog bewaren en de oogst is beperkt. Echt doorgeschoten andijvie wordt erg bitter. Rooi de andijvie niet maar geniet van de hemelsblauwe bloemen.

* Anemonen zien er kwetsbaar uit, maar zijn in werkelijkheid juist ijzersterk. Ze kunnen wel 14 dagen blijven staan. Zet ze wel altijd in een klein laagje water. (niet meer dan 5 cm.). Als het water te hoog staat, kruipt het te snel omhoog en kan de stengel bij de vaasrand afsterven.

* Een anthurium komt uit de tropen, waar deze plant in het wild groeit. Het is een allemansvriend, die geen hoge eisen stelt aan verzorging. Als u haar voldoende aandacht geeft, kan de anthurium het hele jaar door bloeien. Zet de plant op een lichte plek, geef regelmatig water en af en toe wat plantenvoeding.

* De appelboom kan alleen bevrucht worden door een appelboom van een andere soort,. Zonder ingrijpen van de mens zou elke appelboom een andere soort zijn. Al duizenden jaren worden appelbomen daarom geënt. Een stuk van de stam (de ent) wordt vastgemaakt op een stam van een andere boom. De ent geeft precies dezelfde soort boom. En dus dezelfde soort appel.
De bloeitijd van een appelboom is: april, mei. Ze kunnen 2 tot 3 meter hoog worden. Een zonnige plek is vereist. Snoeien van een appelboom doet u tussen januari en maart of in augustus. Bemesting kan in maart en april met gedroogde koemest. De appelboom kan in elk seizoen geplant worden. In de wintermaanden kunt u de takken uitbuigen (naar beneden, zodat de boom wat breder wordt) en in de zomer (augustus) kunt u hem een extra snoeibeurt geven.
Appels beginnen als bloesem. Bijen of andere insecten nemen tijdens de bloeiperiode stuifmeel uit de bloesem mee en bevruchten zo een andere bloesem.
Na de bloeiperiode ontstaan er kleine vruchtjes aan de boom. De appels groeien de hele zomer door tot ze in het najaar klaar zijn om te plukken. Het hele groeiproces kan afhankelijk van de soort wel 150 dagen duren.
* Asters, chrysanten, goudsbloemen en zonnebloemen moeten voor minstens de helft ontbladerd worden, aangezien de bladeren de oorzaak zijn van het vuil worden van het water, waardoor de bloemen spoedig verwelken.

* Uit een avocado pit is een prachtige bladplant te kweken. De pit op drie cocktailprikkers in een wijd glas zetten, zodat de onderkant het water net niet raakt. Na een maand of twee komen wortel en eerste kiembladen tevoorschijn.
Doe ze dan in een mengsel van zand en turf, lekker vochtig en na een jaar heeft u een mooie groene plant.

 

B.

* Bepaalde badkamerplanten gedijen uitstekend in de badkamer mits er verwarming en voldoende invallend licht is. Een aardige versiering voor de badkamer zijn: cyperus, asparagus, Kaaps viooltje, varens en chlorofytum.

Bakkerstorren kunnen worden vernietigd als ze een mengsel van borax met suikerwater eten.
Ook met meel en gelijke delen insektenpoederen borax vermengd kunnen de bakkerstorren worden verdelgd. Strooi dit mengsel voor het naar bed gaan op de vloeren en ’s ochtends zijn de bedwelmde bakkerstorren makkelijk op te vegen en weggegooid.

* Op een schaduwrijk balkon is het houden van enig groen vaak moeilijk. Planten zoals vlijtig liesje, fuchsia’s en sommige begonia’s willen het daar ook wel doen.  Ook een fuchsia en sneeuwbal (Viburmum tinus) gedijen daar goed.
Waar een koel, donker balkon is, groeien een dwergrododendron, hosta, sneeuwbal (Viburnum tinus) skimmia, viooltjes, vlijtig liesje, fuchsia, klimop (Hedera Helix) eikvaren en steenbreekvaren (Asplenium) goed.
Tomaten en bonen kan men goed in ruime potten op een zonnig balkon kweken, wel uit de wind houden en de planten een steunstokje geven om langs te groeien.
Grijsbladige en rots- en kuipplanten zijn ideaal voor een balkon waar de zon de hele dag schijnt. Dus zijn vetkruid (Sedum), huislook (Sempervivum), laurier (Laurus nobilis), lavendel, bamboe en kattenkruid (Aucuba japonica) daar geschikt voor.

* Waarom zijn de bananen krom? Een bananenplant heeft geen stam, maar een steel waaraan bloemen groeien. Elke bloem wordt een banaan, waardoor de tros steeds zwaarder wordt. Door de zwaartekracht gaat de tros naar beneden hangen. Omdat bananen zonlicht nodig hebben, groeien ze tegen de zwaartekracht in naar boven. Zo groeit de banaan krom. Als de trossteel wordt ondersteund, groeit de banaan gewoon recht, net als kleine bananensoorten die minder zwaar zijn.
Als een plant dof wordt, kunt u he blad laten glanzen door er met een bananenblad overheen te wrijven.
Ook afnemen met melk helpt.

* De bladbegonia mag u niet in het volle zonlicht zetten, plaats haar wel in het volle licht en verplaats haar niet. Het natmaken van de bladeren mag u alleen op warme dagen in de zomer doen.
De begonia doet het het beste bij een temperatuur van 18 C. Als de plant te donker staat, gaan de blaadjes naar het licht reiken en daardoor verliest de plant zijn compacte vorm.
De begonia hoeft niet zoveel water te hebben, twee keer in de week is voldoende.
Het is heel gemakkelijk om een begonia te stekken. Snijd een blad in blokjes, waarbij u ervoor zorgt dat in elk blokje een stukje nerf zit. Leg de blokjes op de aarde en druk ze er een beetje in, de snijkant naar beneden. Daaraan komen vanzelf worteltjes.

De kamerbegonia moet in donkere dagen veel licht hebben, maar weinig water en beslist geen (kunst) mest.

Vermeerderen van begonia’s kan door stengelstekken. Leg daarvoor de knollen binnen op een warme plaats in een platte zak. Op de bodem komt eerst een dun laagje compost. Daar komen de knollen in te liggen, zodanig dat ze maar net grond aan de voeten hebben. Leg er iets op, zodat de zon niet in de bak kan schijnen. Zorg ervoor, dat de grond steeds vochtig blijft. Als er bovenop de knol kleine groene uitlopers verschijnen, is het tijd om de afdekking te verwijderen.
Wanneer de uitlopers zo’n 5 cm. zijn kunt u ze snijden, op één na die aan de bol blijft zitten. De uitlopers komen in een bak met zand gemengd met turf. Doop ze eerst in stek- of wortelpoeder. Na veertien dagen in de schaduw hebben ze worteltjes en kunnen ze naar een bloempot met compost. Zet deze op een warme plek in de zon. Daarna afharden en buiten uitplanten.
Begonia’s zijn vatbaar voor schimmel. Door in de aarde rond de plant lucifers met de kop naar beneden te steken is schimmel te voorkomen.

* Bemesting:
1. Bemeste tuingrond: basisproduct om tuingrond aan te vullen
2. GFT-compost: gemaakt van groente-, tuin- en fruitafval
3. Siertuin-compost: een iets hoogwaardiger product met meer voedingsstoffen
4. Potgrond: basisproduct voor potten en balkonbakken
5. Potgrond special: met langdurig werkende meststoffen
6. Kokos-potgrond: prima voor potten, maar ook goede en milieuvriendelijke vervanging van tuinturf
7. Zaai- en stekgrond: voor in uw zaaibakken en stekpotjes
Planten in potten hebben altijd bemesting nodig. Korrels of tabletten die langzaam voedingsstoffen afgeven in de grond, kunnen samen met de planten in de pot worden gestopt. Zo hebben de planten genoeg voedsel voor de hele zomer.
Het geven van vloeibare bemesting is ook mogelijk: elke week een scheutje bij het gietwater en u ziet de plant opfleuren.

*In tegenstelling tot de zwarte bes draagt de rode bes de meeste vruchten op de oude takken. Om de struik toch jong te houden snoeit u zo nu en dan een oude tak eruit met een snoeischaar of takkenschaar.
* Bessentakken die men een tijdje wil bewaren, blijven langer goed door ze in een pot met vochtig zand, op een koele plaats te zetten.

* Een beukenhaag kan een goede afscheiding vormen in de tuin. Om hem goed te laten groeien moet men door de plantgrond een flinke hoeveelheid bosgrond waarop de beuken hebben gegroeid, mengen.

* Bieten oogsten moet met beleid. In de ochtend tilt u de bieten voorzichtig met een tuinvork een beetje op. zonder de wortels los te trekken. Laat ze dan liggen en haal ze pas aan het einde van de middag echt uit de grond. Zo wordt het nitraatgehalte door de lichtinwerking gereduceerd. Onbeschadigde bieten zijn goed te bewaren, draai het blad eraf, maar laat de stengel aan de biet zitten.

* Bitterblad (Exacum affine) lijken met hun bloemetjes op die van de aardappels maar deze plant is geen familie van de nachtschade. De vrolijke bloemen zijn blauw-paars of wit, afhankelijk van de soort potgrond. De standplaats is niet zo belangrijk, al is een beetje licht natuurlijk altijd welkom. Geef om de dag een beetje water, maar niet te veel tegelijk, want de worteltjes rotten snel.

* Zelf bladaarde maken:

 – Vul een vuilniszak met afgevallen bladeren, knoop de zak dicht en prik er een paar gaten in. Zet hem in de schaduw en schud hem af en toe om. Na ong. een jaar kunt u deze bladaarde mengen met de aarde bij uw planten.

* Stevige bladeren van planten worden glanzend als u ze afneemt met een spons gedrenkt in melk.
Bladeren van planten hebben af en toe water nodig om ze schoon te houden. Zet ze eens buiten in de regen. U kunt ze ook goed afnemen met een plumeau.
Bladeren van grote bladplanten houden van een dagelijkse douche. Het beste kan daarvoor de plantenspuit worden gebruikt.

* Bladluizen zullen de rozen mijden als er tussen de struiken lavendelplanten of uien staan.
Ook helpt het om een teentje knoflook naast de wortels van de rozenstruiken in de grond te stoppen tegen bladluizen.
Milieuvriendelijke middelen tegen bladluis zijn:  Kook een bos brandnetelbladeren een kwartier in ruim water. Haal de bladeren uit het water en voeg een eetlepel groene zeep toe. Verdun het extract door op één kop vier koppen water toe te voegen. Nadat het extract is afgekoeld is het klaar om in een plantenspuit te gieten. Even sprayen en weg is de bladluis ,of:
een aftreksel van brandnetels – een kilo brandnetels minstens 24 uur onder water (ca. 1 l.) laten staan – verstuiven over de aangetaste plant. Planten af en toe een bad van deze brandnetelgier geven als preventief middel.
In het najaar wordt het vochtiger, dus controleer planten op bladluizen. Door de groeispurt van de afgelopen maanden, zijn de sappige bladen ideaal werkterrein voor bladluizen. Een paar luizen is niet erg, maar grote aantallen kunnen beter worden bestreden. Zij kunnen zich namelijk razendsnel uitbreiden en in korte tijd kunnen meerdere generaties ontstaan. U kunt de bladluizen gewoon wegspuiten met een harde waterstraal.

* Blauwe druifjes lenen zich uitstekend om in grote groepen te worden geplant. Zet eens een dichte rij blauwe druifjes voor een groepje heesters. Ze zorgen op die plek voor een bruisend blauw accent.

* Als u blauwe planten of bloemen in uw tuin wilt zetten, plant ze dan vooraan want de kleur blauw valt gauw weg in uw tuin.

* Blauweregen is een klimmer met een enorme groeikracht. Ideaal om tegen een pergola of muur te planten.
Ook bij de blauweregen kan bloei jarenlang achterwege blijven. Zet deze klimmer bij voorkeur op een zonnige plek en snoei de uitlopers in januari en in de zomer terug. Dit zal het vormen van bloemknoppen bevorderen.
Begin bovenin met snoeien, dat werkt het prettigst.
Knip de zijscheuten zover weg dat er per zijtak twee tot drie bloemknoppen overblijven. (Gerekend vanaf de hoofdtak).
Laat de hoofdtak zoveel mogelijk met rust, tenzij de blauweregen te groot wordt. Als het goed is, houdt u een hoofdtak over met een aantal zijtakken, waar hij prachtig op bloeit.

* Sommige planten, zoals ficus, kerstster en Christusdoorn, gaan bloeden als men ze stekt. (Oppassen met het sap van de Christusdoorn, dat giftig is). Het bloeden kan worden gestelpt met behulp van sigaren- of sigarettenas.

* Ook in de winter kan men bloeiende takken in huis hebben door bv. vlier- en lauriertakken af te snijden en in een warme kamer te zetten, terwijl in het vroege voorjaar de forsythia (nog in de knop) zich daarvoor leent.

* Saai grijze, eterniet bloembakken kunnen worden geverfd met betonverf.
Bloembakken op balkons of terras moeten vaak water hebben en wekelijks mest.
Het geven van water in de bloembakken gaat makkelijker als de bak niet tot de rand met aarde is gevuld.
Plastic bloembakken en potten moeten gaatjes in de bodem hebben om te voorkomen dat de plant verdrinkt.
Om geen kringen van bloembakken en -potten te krijgen op uw tuintafel kunt u onder de bloembakken plakjes kurk plakken. De kringen behoren dan tot het verleden.
Na een tijdje kunnen kunststof bloembakken behoorlijk wit uitslaan. U kunt dat verhelpen door ze in te smeren met zonnebloemolie. Zo zien ze er weer als nieuw uit.

* Hoe later de bloembollen in de herfst de grond in gaan, des te later heeft men er in het voorjaar plezier van.
Pas geplante bloembollen zijn erg gevoelig voor nachtvorst. Men kan het beste direct een goede bedekking van turfmolm, blad of takken aanbrengen tegen eventuele vroege nachtvorst.
Lege eierdozen kunnen dienst doen als bewaarplaats voor bloembollen.
Het blad van bloembollen zoals tulpen en narcissen, wordt langzamerhand geel in april/mei. Haal de bladeren nog niet weg. Als ze namelijk worden weggeknipt maken de bloembollen geen voedingsstoffen meer aan. En dan bloeien de bloemen volgend jaar niet meer.
Knip de bloemen weg en laat de rest staan. Laat de bollen gewoon in de grond zitten en geef ze wat mestkorrels.
Van bloembollen plant de bollen altijd rechtop met de neuzen naar boven. Aan de verdroogde wortelresten kunt u trouwens goed zien wat de onderkant is.
Het planten van bloembollen is een kinderlijk eenvoudig werkje. Steek er als geheugensteuntje een labeltje bij om te onthouden wat u geplant heeft.Kies voor een kleurenthema en plant allerlei soorten bloembollen in verschillende schakeringen van één kleur in de tuin of in potten op het terras.
Voor een doorlopende bloei zet u de bloembollen dicht bij elkaar in laagjes met aarde ertussen. Grote bollen onderin en kleine bolletjes bovenin.
Bloembollen planten is makkelijk; en goede vuistregel is: plant een bloembol tweemaal zo diep als hij hoog is.
Bloembollen doen het prima onder bomen, struiken of in het gazon. Ze bloeien zelfs op plaatsen waar andere planten het laten afweten.

Volgorde bloembollen in pot

Volgorde bloembollen in pot

Ook in potten en bakken doen bloembollen het goed. Kies altijd ruime potten met afvoergaten en leg een laagje potscherven onderin. Gebruik verse potgrond.
Weet u in het najaar nog niet waar u de bloembollen wilt hebben? Plant ze dan in potten om ze in het voorjaar neer te zetten in de border, op het terras of op het balkon.
Koop bloembollen bij betrouwbare aanbieders.Bloembollen moeten stevig aanvoelen en er gezond en niet verdroogd uitzien. Om zeker te zijn van topkwaliteit kijk naar een keurmerk.
De volgorde in het planten van bloembollen is: onderin de tulpen, dan een laagje hyacinten, en als laatste de krokus.

* Om afgesneden bloemen in een vaas langer fris te houden, legt u een beetje stijfsel in het water.

Wilt u op een feestje met een bloem in uw knoopsgat verschijnen, brand dan het steeltje eerst even af met een lucifer. De bloem blijft dan langer goed.

Laat bloemen eerst een poosje in het papier en in water staan, voordat u ze in de vaas doet en snijd de stelen schuin af, zodat het water gemakkelijk kan worden opgenomen.

Plaats geen anjers of rozen in de nabijheid van een schaal, waarop appels liggen. De bloemen zullen spoedig verwelken.

Begiet uw bloemen op warme dagen niet met koud, maar met lauw water.

Wilt u bloemen in een vaas langer goed houden, doe dan een paar druppels kamferspiritus in het water.
Verwijder uitgebloeide bloemen dit bevordert de bloei van de overige bloemen en geeft een verzorgde aanblik.
Bloemen die snel verwelken kan men weer oppeppen door een aspirientje in de vaas te doen.
Planten gedijen het best wanneer verwelkte bloemen en blaadjes er regelmatig worden uitgehaald. Bij cyclamen en Kaapse viooltjes moeten de uitgebloeide bloemen niet afgeknipt worden, maar afgedraaid.

Zet uw snijbloemen in priklimonade in plaats van gewoon water. Ze blijven langer goed.

Bloemen die u een weekend lang moet bewaren, kunt u in de koelkast leggen als deze op de minimumstand staat.
Bloemen en bladeren kunnen worden gedroogd tussen vloeipapier in een dik boek, maar dan bestaat de kans dat er vlekken in het boek komen.
Uienbloemen zijn erg decoratief en gemakkelijk zelf te drogen. Men moet ze echter niet ondersteboven hangen omdat de stelen dan kromtrekken. Het beste gaat het als u ze in een vaas zonder water laat staan.
Vrijwel alle bloemen kunnen gedroogd worden als men het boeket omgekeerd op een droge, luchtige en donker plaats hangt.
Een betere methode is de bloemen en bladeren te drogen in een speciaal droogpersje. Zij zijn wel in de handel, maar men kan ze ook zelf maken met behulp van een paar stukken hardboard en boutjes met een vleugelmoer. In het persje worden de bloemen tussen filtreer- of krantenpapier gelegd.
Als u bloemen koopt, kijk dan naar het snijvlak van de stelen. Die kunnen u vertellen over de versheid van de bloemen.
Bloemen waar de blaadjes van uitvallen, kunt u nog één of twee dagen langer houden, door ze aan te stippen met kleurloze nagellak. Geknakte stengels met plakband omwikkelen.
Bloemen spreken een symbolische (poëtische) taal:
De roos is de bloem der liefde.
Voor viooltje staat nederigheid.
De lelie betekent onschuld.
De korenbloem standvastigheid.
De lauriertak duidt op roem.
De ridderspoor eer.
De cypres rouw.
De eikentak kracht.

* Hoge bloemenvazen staan steviger als op de bodem een laagje zand of kiezelstenen wordt gestrooid
Bolbuikige bloemenvazen zijn erg leuk, maar als u er bloemen in schikt, valt het geheel uit elkaar. Doe het eens als volgt: neem een yoghurtbekertje en knip de onderkant eruit. Doe het bekertje in de vaas en zet daar de bloemen in. Het staat veel beter en u ziet er niets van.

*Bloemkool kan worden gezaaid voor de vroege zomer, herfst en de winter. De planten zijn zeer gevoelig voor droogte en hebben voedselrijke grond nodig.
Goede buren: bonen, dille, oregano, selderij.
Slechte buren: aardappels, aardbei, erwten, tomaat.
Let niet op het formaat van de bloemkool, want er bestaan grote en kleine exemplaren. Op het moment dat de ‘bloem’ loskomt van de zijkanten kunt u de bloemkool afsnijden.

Bloempotten  dienen schoon te zijn om zuurstof door te kunnen laten.
Tussen bloempot en sierpot moet een beetje ruimte zijn aangezien anders de zuurstoftoevoer naar de plant wordt belemmerd. Is de ruimte tussen beide potten zo groot dat de plant als het ware dreigt te ‘verdrinken’ in de sierpot, dan kan de bodem worden opgehoogd met ca. 4 cm. zand, fijn grind of knikkers. Dit laagje mag evenwel nooit onder water komen te staan en het moet regelmatig worden ververst.
Bloempotten worden waterdicht, als u ze in paraffine doopt.
Lelijke witte kalkvlekken verdwijnen weliswaar ook door afwrijven met azijn, azijnessence, staalwolsponsjes, maar met nog minder moeite gaat het als u een WC reiniger gebruikt.

* Wil men slechts een paar bloemen in een vaasje zetten, dan moet men een oneven aantal nemen. Volgens de regels van het bloemschikken.
Handige hulpmiddelen bij het bloemschikken zijn, naast bloemprikker en oasis, een stukje kippengaas, een paar rabarber- of koolbladeren. Als vulling kunnen o.a. gipskruid en takjes van de conifeer worden gebruikt.
Is de vaas die men wil gebruiken te wijd en te ruim, dan kan men er een kleiner vaasje inzetten. Er is niets meer van te zien als men de bloemen er inzet.

* Bloesemtakken blijven langer goed in water, waarin een flinke schep suiker is toegevoegd.
Door stelen van bloesemtakken plat te slaan kunnen ze meer water opnemen en blijven ze langer mooi.

* Boekenluis voelt zich ook op zijn gemak op andere plaatsen dan boeken, bv. in meel, havermout en meubilair. Frisse lucht en zon zijn zijn vijanden en wanneer u hem in een pak meel aantreft kunt u dat beter weggooien.

* Een klein boeket in een grote vaas? Dat kan als u een kleine vaas in de grote zet, zodanig dat het niet te zien is.
Het boeket valt dan ook niet uit elkaar.
Schenkt u een boeket uit eigen tuin, snijd dan de bloemen af zo vroeg mogelijk in de morgen. Daarna inpakken in vochtig gemaakt papier.
Wilt u lang plezier hebben van uw bosje hei uit een boeket? Zet de takken in een plastic emmer, die voor 3/4 gevuld is met vers water, vermengd met 1 l zoutzuur van de drogist; vervolgens de stelen samenbinden en met een knijper aan de waslijn hangen. Als ze gedroogd zijn, vallen de bloempjes niet meer uit. Doe wel rubberhandschoenen aan.
Zomerbloemen uit de tuin als boeket behouden hun kleur en stevigheid als ze met de kopjes naar beneden in een emmer worden gehouden, terwjil deze door een tweede persoon voorzichtig met volkomen droog, fijn zeezand wordt gevuld. Op zijn vroegst na zes weken eruit halen.
Grassen en aren, maar ook takken met bloemvruchten bv. van papaver of juffertje in ’t groen, ondersteboven op een schaduwrijke plaats te drogen hangen.
Takken met herfstloof afsnijden, zodra de bladeren beginnen te verkleuren. Dan de bladeren één voor één droogstrijken met een strijkijzer, ze vallen niet af. Dit is bijzonder geschikt voor beukentakken. Men kan de takken ook in een mengsel van half water, half glyvcerine neerzetten en ze er na een week uitnemen. Ze blijven maandenlang mooi, ook in een boeket.
Wilt u dat siergrassen meerdere jaren goed blijven, bestrijjk ze dan met spiritus of lak en dompel ze er snel in onder. Wel krijgt de opperlakte van het boeket door de lak een lichte glans.

* Boerenjasmijn kunt u op de plek zelf vermeerderen door de jonge scheuten af te leggen. Neem hiervoor een soepele scheut, buig deze naar de grond en schraap wat bast weg. Op deze plek zullen zich snel wortels vormen. Leg de scheut op de grond, prik hem vast met een tentharing en dek af met wat aarde. Bescherm de jonge scheut tot slot met een steen. Na een groeizame zomer is de scheut geworteld en kan hij in de herfst van de moederplant worden afgeknipt om opnieuw uitgeplant te worden.

* Echte bonsai’s, vaak tegen de 100 jaar oud, zijn duur en in centraal verwarmde ruimten moeilijk in leven te houden. Snijd in plaats daarvan in januari of februari een, niet helemaal goed in ontwikkeling gekomen, vergroeide tak van een haagbeuk. In sfagnum zetten, in een platte schaal doen, deze met kiezelstenen vullen. Het sfagnum moet ook met kiezelstenen bedekt zijn. Dagelijks vers water bij doen. Houd de kamerlucht vochtig.

* Geef buitenplanten die in de border staan één keer per week veel water. Dat is beter dan elke dag een klein beetje. Als u dagelijks een beetje water geeft, bereikt het water nooit de wortels. Door eenmaal per week flink wat water te sproeien, ontwikkelen die planten langere wortels, waardoor ze ook dieper in de bodem water opzuigen. Zo raken ze beter bestand tegen drogere periodes.

*Een borstelbeurtje is voor uw huisdier een noodzaak om in de lente en herfst van losse haren af te komen. In die periode is het zaak om dat elke dag te doen. Wrijf na de borstelbeurt uw huisdier af met een droge doek om eventueel achtergebleven haren te verwijderen. De vacht zal schoon en minder statisch aanvoelen.

* Een oude box is prima geschikt om de dienen als hok voor konijnen of cavia’s.  Bekleed de box met een oud beddelaken tegen de zon en vlecht kippengaas door de spijlen.

* Vooral de jonge dikke groene takken dragen volop bramen, knip de oude bruine takken helemaal af. Zet de jonge takken vast aan de muur of andere ondergrond.

*Brandnetelgier maakt u als volgt: 1. 1 kilo niet bloeiende brandnetels bij 10 liter water in een open vat. Dit moet tweemaal daags worden omgeroerd. Het mengsel zal beginnen te gisten (om de gisting te versnellen, kan ook wat suiker worden toegevoegd). Het goedje zal gaan stinken. Bij het besproeien of begieten van de tuin moet het mengsel 1 op 10 verdund worden.
2. Een houten vat of plastic emmer wordt voor 3/4 gevuld met jonge brandnetels. In een paar liter regenwater wordt 500 gr. suiker opgelost. Dit mengsel wordt over de brandnetels uitgegoten. De emmer of het vat wordt bijgevuld met regenwater tot enkele cm. onder de rand. Dit mengsel moet enkele dagen rusten. Na een paar dagen begint het brouwsel te gisten. Het toevoegen van een paar schepjes steenmeel kan helpen om eventuele geurhinder te beperken. Het mengsel die éénmaal per dag geroerd te worden. Vijf of zes dagen later -bij heel warm weer kan het vroeger – is het bestrijdingsmiddel klaar. Met een borstel kunnen we de planten besprenkelen. Indien de netelgier met een sproeiapparaat aangebracht wordt, dient deze gezeefd te worden in de leidingen en doppen niet te laten verstoppen. De rol van suiker is meervoudig. Suiker helpt om een betere vergisting van de netels te krijgen. Het gedeelte van de suiker dat niet vergist, doet dienst als kleefmiddel zodat de brandnetelgier niet onmiddellijk van de plant afloopt. Bovendien zorgt de suiker voor een hoger alcoholgehalte. Alcohol is giftig voor insecten. Brandnetelgier wordt bij voorkeur toegepast bij betrokken weer of in de schemer.
In verdunde vorm wordt de brandnetelgier gebruikt in de moestuin voor:
het bestrijden van bepaalde schimmels en ziekten
het toevoegen van extra voedingsstoffen aan de bodem
Het is geschikt als bijvoeding voor veeleisende gewassen als tomaten, kool, selderie, komkommer en prei
Het aftreksel wordt gebruikt voor het bestrijden van bladluizen.

*De zeer gezonde broccoli houdt van goed bemeste grond, zon en voldoende water. Zaaien vanaf maart tot en met augustus in de volle grond. Oogsten na twee tot drie maanden.
Goede buren: dille, kamille, rozemarijn, salie, selderij.
Slechte buren: aardbei, Oost-Indische kers, oregano, tomaat.
Oogst u te laat, dan heeft u de fraaie bloemen in plaats van een gezonde groente. Broccoli is oogstrijp als u alle afzonderlijke knopjes in het scherm kunt zien.

* Afgevallen bladeren zijn goed te gebruiken als (broeiende) onderlaag in broeibakken.

* De bromelia heeft een positieve invloed op de luchtkwaliteit in huis en is er in allerlei kleuren.
De bromelia heeft een beetje licht (geen direct zonlicht) nodig en af en toe wat water in de kelk, niet op de grond.
Bijvoeding heeft de bromelia niet nodig.
Bromelia’s met dikke bladeren willen een droge omgeving en bromelia’s met dunne bladeren staan liever wat vochtiger.

* Bruine randjes aan uw kamerplanten komen het vaakst voor in de herfst en winter als de verwarming weer aangaat. Keer een schoteltje om en zet het omgekeerd in een laagje water, onderin de bloempot. Het water verdampt langzaam en de plant staat in een vochtiger klimaat.
Ook een manier om de luchtvochtigheid te verhogen bij het stoken met een CV is de plant de cyclaam aan te schaffen. Als de luchtvochtigheid te laag is, geeft de plant vocht af door de huidmondjes op haar bladeren. Hoe droger de lucht, hoe meer vocht de plant afgeeft, wat een gunstig effect heeft op o.a. droge ogen en geprikkelde luchtwegen. Juist in de wintermaanden bloeit de cyclaam uitbundig in de huiskamer, bij voorkeur in vochtige potgrond en buiten het directe zonlicht. Bied de plant in het voorjaar een pot met verse aarde aan.

* Een buxushaag kan nu gesnoeid worden (mei), snoei altijd op een bewolkte dag, anders bestaat de kans dat de hele haag vergeelt door de zon. Van zijtakken van 10 cm. kunt u stekken maken. Een stek met een voetje heeft het meeste kans op volgroeiing. Scheur daarvoor de stek van de buxus voorzichtig van de tak. Haal de onderste bladeren eraf en stop de stek in humusrijke aarde onder een grote boom waar niet te veel zon komt. Zet hem in het volgende voorjaar op de goede plek. Zo wordt de haag de trots van de tuin …. en hij is nog gratis ook.
Blijf bij droog weer regelmatig water geven zodat de aarde romdom de buxus niet uitdroogt.
Om een buxus mooi te houden wordt deze tweemaal per jaar geknipt: half mei en en in augustus-september.
De blaadjes van een pas geknipte buxus kunnen gemakkelijk verbranden, knip daarom bij voorkeur wanneer er een aantal dagen minder zonnig weer wordt voorspeld.
Voor het knippen van een strakke buxushaag helpt het om een touw te spannen, zodat u niet scheef knipt.
Voor het knippen van een kegel- of piramidevorm kunt u gebruik maken van stokken die u schuin langs de buxus steekt.
Het knippen van bollen en speciale vormen zal op het oog moeten gebeuren en vragen wat meer behendigheid van de knipper.

* Trekt het speelse gedans van bijen u aan, dan moet u bernagie of komkommerkruid in uw tuin zetten. Bijen zijn verzot op de blauwe bloemetjes. Het gewas kan behalve als lokmiddel voor bijen dienst doen als groenbemester en bodembedekker. U kunt het kruid gebruiken in sla of bij spinazie.

C.

* Bedek de aarde in de border met een laag cacaodoppen. Hierdoor verdampt het water minder snel en hoeft u de buitenplanten minder vaak water te geven. Dat geldt natuurlijk ook voor de buitenplanten in potten.

* Cactussen staan ’s winters graag op een lichte, koele (natuurlijk wel vorstvrije) plaats, terwijl ze in dit jaargetijde maar heel weinig water nodig hebben. Wie zich aan deze bescheiden behandeling houdt, zal de cactussen eerder in bloei krijgen.
De beste cactusaarde is potgrond met een beetje grof zand en fijne klei er doorheen.
De cactus doet het uitstekend voor een raam op het zuiden, waar het veel te warm zou zijn voor andere planten.

* Zet eens wat glaasjes op tafel met calla’s erin. Met zoveel kleuren staat dat heel leuk.

* De campanula (Ster van Bethlehem) een vaste, bloeiende hangplant, staat schitterend als u er een aantal in een mand zet, zodat de bloemen weelderig over de rand kunnen groeien. De grond moet altijd vochtig zijn en tijdens de bloei kan de plant wel wat extra vocht gebruiken. Als u de uitgebloeide bloemetjes weghaalt, maakt u daarmee meer plaats voor nieuwe. Zet de plant opeen lichte plaats, maar niet in de felle zon. Als de plant wat te slierterig wordt, kunt u er met behulp van groen bloemisten-ijzerdraad onopvallend wat meer model in brengen.

* De fijngestreepte blaadjes van de chlorophytum doen wat aan gras denken, maar in werkelijkheid is deze plant familie van de sierlelie. De plant bestaat uit lange uitlopers en daarom is het verstandig om hem of in een hoge pot te zetten, of op een hoge plaats, zoals bovenop een kast. Eigenlijk zijn deze uitlopers allemaal jonge plantjes, die gemakkelijk wortels maken als ze in aarde worden gezet. Deze plant heeft veel water nodig en soms in de twee weken wat vloeibare mest.

* Chrysanten die slap worden, korte tijd in kokend water zetten en meteen daarna weer in koud. De levensduur wordt bevorderd als u de stelen beklopt en ze snel met een lucifer afbrandt.

* Citroengras (Cymbopogon citratus) of sereh wordt veel gebruikt in de Aziatische keuken. Het is een fraaie plant die even geurig als ongebruikelijjk is, maar vooral makkelijk te planten. Zet een paar verse stengels (hoe verser hoe beter) in een glas met water, met het dikke uiteinde naar beneden, op een zonnige vensterbank. Citroengrasstengels zijn te koop in toko’s, supermarkten of op de markt. Na een paar weken is er een wirwar van witte, naar citroen geurende worteltjes uit de stengels gekomen die u dan in vochtige compost kunt planten. Zet de plant op een zonnige plek, geef één keer per week water en u heeft het hele jaar door vers citroengras.

* Het citroenboompje heet officieel citrus limona en daar is onze naam limonade van afgeleid.
Een boompje met citrusvruchten was vroeger een echt statussymbool. De plant stond in de winter in een kas of oranjerie, wat alleen de rijkelui hadden.
Citroenboompjes kunnen geurende bloesem en vruchten tegelijk hebben.
De plant is wintergroen. Valt toch al het blad van de plant? Dan staat de plant te nat. Vooral in de wintermaanden is wat bladval normaal.
Veel citrusboompjes zijn geënt op een onderstam, maar zelf een pit van een citroen, sinaasappel of mandarijn planten is ook mogelijk. Een stappenplan voor iedereen met geduld:
– spoel de pitten goed af met lauw water en laat ze drogen
– maak speciale zaai- en stekgrond eerst vochtig en stop daar de pitten in. Leg een glasplaat of doorzichtig plastic over de zaaibak. Geef alleen lauw, het liefst regenwater met een plantenspuit als de aarde droog aanvoelt.
– het kiemen van de pitten gaat het snelst als de aarde op kamertemperatuur is en de zaaibak op een lichte, niet al te zonnige plek staat.
– als de plantjes 10 cm. hoog zijn, kunnen ze elk in een potje met (mediterrane)  potgrond worden gezet. Zijn de plantjes in de groei, dan kunnen ze steeds zonniger staan. Geeft pas water als de aarde droog aanvoelt. Zet in de winter de plant op een koele plek (10C) en geef zeer spaarzaam water.
– het duurt meestal drie jaar of langer voordat de bloesem verschijnt.
– Zet de plant vanaf eind mei buiten op een plek in de volle zon of in de halfschaduw. Zorg dat het regen- en gietwater goed uit de pot kan open, zodat de wortelkluit niet te lang te nat blijft. Wordt het in de nazomer kouder dan 10C, dan moet de plant naar binnen. De woonkamer is te warm en een lichte koele slaapkamer of een serre is daarom een betere plek. Geef in de winter zo veel water dat de plant net niet uitdroogt. Geeft de plant vanaf maart speciale mest voor mediterrane planten.

* Er zijn veel verschillende soorten clematissen. Zet in de buurt van een voorjaarsbloeiende Clematis montana ook een soort die in de zomermaanden bloeit.
Bloeit de clematis voor de langste dag (21 juni) dan is het een vroegbloeiende soort. Deze worden na de bloei gesnoeid. De vroegbloeiende clematis montana snoeit u alleen als u vindt dat de plant te groot wordt.
Is de standplaats goed, dan kan de clematis flink oud worden. Deze klimmer houdt van een humeuze, goed waterdoorlatende grond, wat schaduw op zijn voet en veel zon op zijn bloemen. Plant clematis flink diep (de kluit mag 15cm. diep) in een goed voorbereid plantgat. Het is belangrijk om de voet ieder jaar met mulch (bv. grasmaaisel) te bedekken en in droge periodes water te geven. Ook is jaarlijks bemesten echt nodig. Clematisscheuten wortelen als vanzelf door ze naast de wortelkluit ondiep in te graven.  Maak een bestaande scheut los, graaf hem in en bind de scheut opnieuw aan. De scheut, die gewoon aan de moederplant vastzit, wortelt en maakt extra scheuten. Hierdoor groeit de oorspronkelijke clematis sterk uit en groeit hij niet alleen in de lengte. Clematis kan worden aangebonden aan een rek of pergola, maar als hij in een boom kan groeien toont hij extra natuurlijk .
Grootbloemige clematissen met een vroege bloei snoeit u licht terug na de bloei. Knip om herbloei te bevorderen de dunne dakken wat rigoureuzer terug.
Clematissen die na de langste dag bloeien, worden in het voorjaar gesnoeid. Snoei de geelbloeiende clematis tangutica tot vlak boven de grond. De grootbloemige soorten licht snoeien en alleen de dunnere takken afknippen.

* Als er op uw clivia donkerbruine roestvlekken komen, heeft deze in de zomer teveel in de felle zon gestaan. ’s Winters moet zij echter wel in het volle licht staan.

Clivia

Clivia’s moeten ook in de zomer voldoende water en eenmaal per week vloeibare mest hebben. De bladeren regelmatig afsponsen.
Uw oude plant behoeft meestal niet verpot te worden. Grote potten zijn niet goed.

* In uw moestuin zijn de volgende combinaties van kruiden en groenten beter voor de groei, en schadelijke insecten worden geweerd:
– tomaten en peterselie
– aardappels en dille
– koolsoorten en dille of tomaten
– wortelen en uien of prei
– bloemkool en prei, uien of selderij
– sla en prei of radijsjes
Vermijd het naast elkaar telen van twee wortel-, blad- of knolgroenten.

* Om compost te maken, kunt u beter niet teveel koffiedrab gebruiken. Koffiedrab is licht zuur en niet goed voor kalkminnende planten zoals lavendel. Ook is het niet goed voor kamerplanten omdat er andere teveel zouten in de potgrond komen.Compostbak
Voor andere planten is compost uiteraard wel goed. Zet een plastic buis waarin u gaatje heeft geboord rechtop in de composthoop. Rond die buis kunt u de compost opbouwen. De buis zorgt voor de luchtaanvoer. U kunt zo ook water toedienen.
Een geurloze compost hoop kunt u verkrijgen door alleen rauw afval van groente en fruit en daarnaast de inhoud van koffiefilters, maar dan niet de zakjes, op de composthoop te gooien. Als u telkens wat aarde uit de tuin over het afval gooit, blijft de composthoop geurloos.
Dus op de composthoop gooit u theebladeren, schillen, groente-afval, verwelkte bloemen, bladeren, gemaaid gras en bovengenoemde koffieprut.
Als u er gekookte groente en andere etensresten op gooit, dan gaat de composthoop stinken en krijgt u een vliegenplaag.
Bij droog weer de composthoop nat maken met een emmer water.
De composthoop verder regelmatig goed aanstampen en na een week of tien eens kijken of de compost binnenin de berg al zwart en korrelig (goed voor gebruik) is.
Als u een composthoop heeft, zaai dan in mei pompoenpitten in de hoop. De voedzame grond is een ideale plek voor de pompoenen. In korte tijd groeien de zaden uit tot planten met grote bladeren en mooie vruchten. En van de composthoop is niets meer te zien.
Echter, vogelmuur (Stellaria media) moet u niet op de composthoop gooien. Deze maakt snel zaad aan, die als u de compost uitstrooit verspreid door de tuin. Als u kippen heeft, die zijn dol op vogelmuur.

* Corsages van verse bloemen blijven langer goed als de steel even wordt dichtgeschroeid. Ook kan het uiteinde van de steel in een nat watje met aluminiumfolie er omheen worden gewikkeld.

*Courgettes heeft behalve veel zon ook veel ruimte nodig. Schrik niet: de plant kan oneindig nieuwe vruchten produceren die ook nog eens oneindig groot kunnen worden. Op tijd plukken dus. Bij voorkeur begin juni planten.
Goede buren: mais, Oost-Indische kers, sla, stokbonen, ui.
Slechte buren: aardappelen, komkommer.
Die grote, dikke courgettes zien er indrukwekkend uit, maar zulke machtige exemplaren zijn meestal niet zo lekker. Haal courgettes daarom op tijd van de plant. De jongere en kleinere vruchten zijn echt veel smaakvoller. Bovendien blijft de plant vruchten produceren als u regelmatig oogst.

* Een cyclaam houdt niet van veel warmte. Zet de plant niet dicht bij een warmtebron maar wel zo licht mogelijk. De pot kan men het beste op een omgekeerd schoteltje in een bakje water zetten. s Morgens lauw water geven, maar zorg dat de knol niet nat wordt. Let op dat de pot na het gieten niet in een laag water blijft staan, maar de cyclaam houdt wel van veel water.
Uitgebloeide cyclaambloemen moeten voorzichtig losgedraaid worden van de knol. Nooit trekken, dan blijven er resten zitten die gaan rotten.
Een cyclaam bloeit in de herfst en de winter.
Cyclamen blijven langer goed als u de uiteinden van de stelen ong. 2 cm. diep insnijdt.

D.

Na de eerste nachtvorst kunt u de knollen uit de grond halen. Knip de stelen tot op ong. 15 cm. terug. Spoel en borstel de knollen van de dahlia zachtjes af en hang er – als u de naam weet – een label aan.
Leg ze vervolgens ondersteboven. Als ze na een paar dagen droog zijn kunt u ze het beste op een vorstvrije plek in een krat of doos bewaren. Vul de doos met droge turfmolm en leg de knollen zo diep dat de oude bloemstengels er net bovenuit steken.
Naast turfmolm worden ook wel kattenbakkorrels gebruikt om dahlia’s ’s winters te bewaren.

Dahlia’s voorkiemen kunt u in april doen, u kunt ze dan aan de buitentemperatuur laten wennen. Zet de knollen in een kistje of bak met turf, zand of potgrond of een mengsel daarvan. Bij goed weer kunt u deze bak op een zonnige plek zetten. ’s Avonds wel binnen zetten, dan wordt het doorgaans te koud. Tot half mei (IJsheiligen) kunt u de knollen laten voorkiemen. Daarna de knollen scheuren en buiten uitplanten. Scheuren is dat u met een scherp mes stuk voor stuk de jonge scheuten snijdt. Zorg dat u het hieltje van de wortelhals meepakt. Voordat u de scheut poot, laat u de wond drogen. De scheut een kleine week beschermen tegen de zon. Pot elk deel op in normale compost.
Als de dahlia ong. 40 cm. hoog is, wordt de centrale scheut afgeknepen om de groei van de zijscheuten te bevorderen.
Verwijder het bovenste paar knoppen als de plant 6 tot 8 zijscheuten heeft. Bind de stengels op aan stokken.
Verwijder de zijknoppen onder de eindknop  van iedere plant, opdat de overblijvende knop een grotere bloem vormt.
Een dahlia in de vaas houdt niet van tocht. Verder is het aan te raden het water vaak te verversen.
Heeft u gaten in de dahlia dan kan dat komen door oorwormen. Neem dan een terracotta pot met stro en zet die bovenop de plant. De oorwormen kruipen ’s avonds in het stro en dan kunt u deze ’s morgens samen met het stro weggooien.

* Delen van planten, zoals astilbe en hosta, kan door de wortels te scheiden. Dit kan van de late herfst tot in het vroege voorjaar. In het voorjaar kunt u beter zien waar zich nieuwe scheuten hebben gevormd, zodat u ze beter kunt delen.

* Dennenappels van verschillende grootte gedurende een nacht in een zeer sterke zoutoplossing leggen, dan op krantenpapier drogen. Er komen dan mooie sneeuwkristallen op de dennenappels.

* Dennengeur in huis kan ook door een handvol frisse dennennaalden in het verdampingsbakje van de CV. Of verbrand een klein dennentakje boven een kaarsvlam.

* Dennentakken voor kerstversieringen blijven langer fris, als ze eerst schuin worden afgesneden en 24 uur in water worden gezet. Dan de snijvlakken afsluiten met nagellak, plasticlijm of verbandspray.

*Dille zaaien is simpel. De zaadjes kunnen in maart of april de grond in. Zorg voor voldoende zon en beschutting tegen de wind. Oogsten na zo’n acht weken.
Goede buren: sla, tuinbonen, ui, worteltjes.
Slechte buren: venkel.

* De doornen van rozen moet u van de stelen afhalen als u ze in een vaas zet. U kunt dit gemakkelijk doen met een pannenspons.

*Is de drinkfles van uw cavia, of konijn, groen? Reinig die dan door het flesje te laten staan met een mengsel van heet water en een scheut schoonmaakazijn. Daarna goed schudden en een paar keer omspoelen met water.

* Droogbloemen blijven langer goed als u er haarlak op spuit.
Ook een idee is om de droogbloemen met restjes verf na het paaseieren verven soort bij soort van een nieuw kleurtje te voorzien, ze te laten drogen en dan opnieuw te schikken.

* Plant een druif tegen een zuidmuur of een pergola op een plek met veel ruimte. Graaf een groot gat, maak de bodem los en vul met een mengsel van aarde en compost. Plant een druif 40 cm. van de muur, schuin er naartoe hellend. Zo hebben de wortels ruimte genoeg om te groeien en kunnen de takken makkelijk naar de muur geleid worden.
Als in de zomer de eerste trossen zichtbaar worden, moet er ´gekrent´ worden, knip met een schaartje de helft van de kleine druiven uit de tros. Beperk ook het aantal trossen per tak en snoei op ongeveer 15 cm. na de laatste tros, zodat alle energie naar de overgebleven druiven gaat. Resultaat: dikke, smakelijke druiven.

* Voor een drijfschaal zijn niet alle bloemen geschikt. Maar gerbera’s, zonnebloemen, dahlia’s en grootbloemige rozen kunt u rustig in een drijfschaal leggen. Snijd daartoe de steel vlak onder de bloem af, zodat er nog een klein stukje steel overblijft en vul een schaal met een klein laagje water waaraan wat bloemenvoedsel is toegevoegd. Zorg ervoor dat de blaadjes van de bloemen niet in aanraking komen met het water, anders treedt er al snel schimmelvorming op.

* Duizendpoten vreten de ondergrondse plantendelen aan. Door alle aarde radicaal te vervangen zijn duizendpoten te verwijderen.

* Misschien een idee om van duiven af te komen op een redelijk diervriendelijke manier: doop brood in jonge jenever en leg dat buiten neer. De duiven snoepen van het brood en worden dizzy van de drank. Vang er een paar, doe ze in een kooi en laat ze verderop los. Mogelijk bent u dan van het probleem af. Ik zou het echter niet op een balkon doen, ze kunnen neerstorten.

E.

* Eetbare planten in halfschaduw zijn aardappel, bieslook, boerenkool, biet, braam, kervel, kruisbes, laurier, munt, peterselie, pronkboon, rabarber, radijs, rucola, sla, snijbiet, spinazie, veldzuring en zwarte bes.
De beste opbrengst van eetbare planten geven: aardbei, basilicum, bieslook, biet, bonenkruid, dille, dragon, knoflook, koriander, laurier, majoraan, oregano, peterselie, pronkboon, rozemarijn, rucola, salie, sjalot, sla, snijbiet, Spaanse peper, sperzieboon, tijm, tomaat, veldzuring en wortel.

* Met zijn haakvormige stekels hecht de egelantier zich om andere heesters en bomen en zo zorgt hij voor een haast ondoordringbare afscheiding van het erf. Het voedsel uit bloemen en bottels van deze roos helpt insecten en vogels. De roos vormt lange ranken en vraagt weinig onderhoud. Plant hem aan de zonnige kant van een boswal. Egelantier (Rosa rubiginosa) is een zomerbloeier, de bloem -rozerood met een wit hart- is enkel en open. De lichte bloemen, waar het water snel afstroomt, blijven ook mooi in een regenachtige zomer. Blad en bloem geuren naar appeltjes.

* Egels houden van een beetje ruigte in uw tuin, dus snoei alles niet teveel terug, maar laat een beetje rommel achter, waarin de egels een schuilplaatsje kunnen vinden.
Egels houden van kattenbrokjes, een portie meelwormen, maar geen melk. Wel een ondiep bakje water is fijn voor ze.
Egels houden van slakken, let dus op met slakkengif.

* Fijngemalen eierdoppen kunt u zeer goed gebruiken als meststof voor planten. Ook het water waarin eieren gekookt zijn, is goed.

* Engerlingen (larven van een meikever) wilt u niet in uw tuin hebben. Waar papavers groeien zijn nooit engerlingen.
Mest uw tuin daarom overvloedig met kalk, dat helpt bij de bestrijding van engerlingen.

*Erwten telen is een makkie, eerst een paar dagen weken in een laagje water totdat er een worteltje aan zit. Vanaf eind februari tot en met april kunnen ze in een geultje de grond in.
Goede buren: bieten, bonen, courgette, dille, knolvenkel, koolrabi, komkommer, koolsoorten, kropsla, munt, pompoen, radijs, salie, selderie, spinazie, suikermais, wortelen.
Slechte buren: aardappelen, bloemkool, bonen, knoflook, prei, sjalot, tomaat, ui.

A.

* De aardappelen aan laten branden? Pak de pan ogenblikkelijk van het vuur en zet hem op een natte doek in de gootsteen. Even laten staan en dan de aardappelen in een schaal doen. Van een bijsmaakje valt nauwelijks iets te proeven.
U kunt ook de nog niet gare aardappelen in een schone pan verder gaar koken.

Aardappelen altijd met kokend water opzetten, anders gaan de belangrijke

Aardappel

vitamines verloren.

Indien men aardappelen met kokend water opzet, blijft de smaak veel beter.
In de schil gekookte aardappelen kan men het beste even laten schrikken in koud water. De schil gaat er dan gemakkelijker af.Aardappelen bestrooid met paprikapoeder bakt u sneller bruin.
Aardappelen zijn voor de één lekker als er zout in het water zit, voor de ander is dat niet nodig. Doe het eens zo: doe het zout in het kookwater en neem een plastic zakje waar u de aardappelen in doet, waar geen zout op moet. U kunt het dan toch gezamenlijk koken.
Aardappelen die pas geoogst zijn bevatten vijfmaal zoveel vitamine C als in het voorjaar en behoren daardoor tot onze beste vitamine C bronnen.De smaak van oude aardappelen verbetert, wanneer u een beetje azijn in het kookwater doet.
Oude aardappelen worden beter van smaak als aan het kookwater een klein schepje suiker wordt toegevoegd
Oude gerimpelde aardappelen zijn niet zo makkelijk te schillen, het gaat beter als ze eerst een poosje in koud water hebben gelegen. Lees verder